Categoriearchief: dieren

Schone was – Sientje (48)

In ons huisje in Almelo stond de wasmachine beneden. Ik droeg de was naar boven om het in de droger te doen. Eenmaal droog nam ik het weer naar beneden om het rustig op te kunnen vouwen. Boven was daarvoor namelijk te weinig ruimte. Bovendien wilden we het toen nog graag strijken. We dachten dat het netter stond vandaar.

De schone was belandde in een stoel midden in de woonkamer. Dan konden we op een later moment de was vouwen. Of mijn schoonmoeder kwam eventjes langs voor de strijk. Ze vond het onfatsoenlijk om niet te strijken. Met moeite wisten we haar te overreden niet het dekbedovertrek, de sokken en het ondergoed te strijken. Ze zou het namelijk zo doen, terwijl een gestreken sok of dekbedovertrek werkelijk heel nutteloos is.

Hond in de was

Als de was daar in de stoel lag, ging Sientje er vaak op liggen. Ze was namelijk dol op schone was. Ze sprong op de stoel en maakte met haar pootjes een nestje in het schone textiel. Heerlijk vond ze het om daarop te liggen. Ze viel dan in een diepe slaap midden op de berg met droge was. Het was best wel vies dat ze daar zo op die schone was lag, maar we kregen haar daar niet van af. Ze dreinde net zo lang door tot ze er wel op lag.

Soms waren we haar kwijt, dan had ze zich half achter of onder de berg met schone was ingegraven. Als we haar riepen hoorden we het staartje tikken tegen de rand van de stoel. Ze bleef heerlijk over de volle breedte van de stoel liggen en sloeg haar staart dan tegen of op de zijleuning. Een heimelijk genoegen waar ze niet van af te brengen was. En stiekem gunde ik het haar ook om lekker op de schone was te liggen. Zeker als ze niet vies en bemodderd thuis terugkwam van een wandeling.

Rondjes rennen

Al kwam zij zelden vies en nat terug van een rondje lopen. Bij regen deed ze namelijk zodra ze buiten kwam, meteen de plas en liep direct terug naar de deur. Vaak had ik de deur nog niet eens achter mij dichtgetrokken of ze rende ze bij binnenkomst in de huiskamer een flink aantal rondjes van de woonkamer naar de keuken en terug. Ze probeerde zich zo droog te rennen. Daarbij rende ze al grommend rond om na een paar rondjes hijgend in de mand te vallen.

Lees het vervolg: Bloemendief »

Abonneer je op de nieuwsbrief en lees elke week een nieuwe herinnering aan Sientje. De nieuwsbrief is geheel gratis en verplicht je tot niets.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Kopjes geven – Sientje (43)

Sientje had niet veel belangstelling voor andere dieren. Wat hier de oorzaak van was, wisten we niet. Heel soms gebeurde het. Zoals bij een vriendin in Leiden. Ze werd helemaal wild van haar konijntje. Ze kreeg geen genoeg van de bak waarin het diertje zat. Het konijn lag te rillen in haar hok.

Sientje vond het konijntje erg interessant. Wat zou ze doen als we het konijn los lieten? Daar hadden we geen idee van. We hebben het maar niet getest. Voor hetzelfde geld kreeg ze ineens last van haar jachtinstinct.

Griep

Nog zo’n gebeurtenis waar we versteld van stonden. Misschien was het een koortsdroom. We hadden haar nog niet zo heel lang. Ik was naar Almelo gegaan met een flinke griep. Thuis in Leiden hield ik het niet uit, daarom was ik maar naar Inge gegaan. Vrijwel op hetzelfde moment kwam Inge thuis met dezelfde griep. Zo lagen we naast elkaar in bed met een flinke koorts. De koorts liep hoog op bij ons allebei. We hielden een wedstrijdje. Degene met de hoogste koorts mocht blijven liggen, de ander moest met Sientje lopen.

Zo liep Inge met Sientje, want de thermometer wees bij haar een halve graad lager aan dan bij mij. Ze liep het bermuda-rondje, want ze voelde zich heel beroerd. Zo kwam ze langs het grasveldje voor de oude Ambachtsschool en ging meteen weer terug. Op het grind voor de school zat poeslief een poes. Inge passeerde met Sientje. Sientje kwispelde en liep op de kat af. Inge vreesde het ergste. Maar de poes was blijkbaar honden gewend en gaf Sientje zelfs kopjes.

Kopjes geven

Het was een schattig gezicht en Sientje genoot van de aandacht. We waren dit helemaal niet van haar gewend. Zeker ook omdat ze zo gelaten de poes kopjes liet geven en zelf heel rustig bleef. Geen opwinding of onrust, maar een ontmoeting zoals katten onder elkaar doen. Het bevestigde onze stelling dat Sientje een halve kat was. Gek op de zon en kalm als ze een kat zag.

Inge vertelde het verhaal toen ze rillend van de koorts weer naast me in bed kroop. Ik was stiekem jaloers dat ik niet met Sientje was gaan lopen. De dagen erna zochten we tevergeefs bij het lopen naar de kat. Hij zat er niet meer en hij heeft er nooit meer gezeten. Het bleef bij deze eenmalige belevenis.

Helaas. Ik had het graag gezien hoe innig een hond en een kat kunnen zijn. Zeker ook omdat Sientje zo weinig om andere dieren gaf. Het zou niet alleen haar zelfvertrouwen een duwtje in de rug geven, maar ook ons vertrouwen in haar.

Lees het vervolg: Teckel en peuter, een maatschap »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Sienepien op de foto – Sientje (36)

In het buurtje waar wij in Almelo woonden, waren maar liefst 2 dierenwinkels binnen loopafstand van ons huis. Als we er bij de wandeling langsliepen, dook Sientje meteen op de bak met koekjes die bij de ingang stond. Ze graaide snel een flinke hoeveelheid koekjes uit de voerbak en schrokte ze de volgende meters lopen op. Ze wilde altijd meer hebben, maar daar gingen we niet op in. Er zaten grenzen aan het snoepen.

We hadden een goede relatie met die dierenwinkel. De andere stond er vrijwel naast, alleen een bloemenwinkel zat tussen de 2 dierenwinkels in. Bij die andere kwamen we alleen voor een aanbieding of als onze dierenwinkel niet had wat we zochten. De andere dierenwinkel had een grote parkeerplaats voor de zaak. Ook ontbrak er een voerbak met koekjes bij de ingang. Onze eigen winkel had gewoon meer sfeer en deed meer aan klantenbinding.

Foto insturen

Zo kon je een foto van je hond insturen. Die foto kreeg een mooi plekje achter de kassa. Wij stuurden een foto van Sientje waar ze op de bank zat en heel eigenwijs in de richting van de camera keek. De blik was de helft van de foto, de andere helft van de aantrekkingskracht was dat ze niet zolang ervoor geplukt was. Ze zag er gewoon heel mooi uit. We gaven de geboortedatum van de hond door, waarna we elk jaar op haar verjaardag een kaart in de bus kregen.

We hadden Sientje nog niet zo lang of er kwam een speciale hondenfotograaf langs. Precies op mijn vrije dag was hij er. Zodoende mocht ik met de hond naar de dierenwinkel. Ze at zich eerst uitgebreid aan de bak met koekjes bij de ingang. Binnen in de zaak zwierven ook genoeg brokken en koekjes die uit de voorraadbakken waren gevallen. Genoeg om te eten dus. In een hoekje van de kleine winkel zat de fotograaf. Een Amsterdammer, en dat valt onmiddellijk op in Almelo.

De hond mocht zitten op een wit laken. De fotograaf probeerde ze in een zo leuk mogelijke stand op de foto te krijgen. Niet bij elke hond ging dit even makkelijk. We hadden ons voor een bepaald tijdstip opgegeven, maar ik moest nog even op mijn beurt wachten. Er waren aardig wat kandidaten. De fotograaf liep een beetje uit. Een grote herdershond moest op de foto met een jongetje. Het dier wilde niet gaan zitten. De jongen kreeg het niet voor elkaar, wat hij ook deed. De fotograaf maakte rare geluiden en deelde koekjes uit. Het hielp weinig.

Sienepien

Eindelijk was het mijn beurt. Ook Sientje liet zich niet zo verleiden. Ze wilde niet gaan zitten en liep telkens naar de fotograaf toe als hij een raar geluidje maakte. Hij probeerde haar te verleiden met ‘Sienepien’, op zijn Amsterdams uitgesproken. ‘Sienepien’, riep hij terwijl hij door zijn camera in haar richting tuurde. Hij kreeg haar niet in beeld zoals hij gewenst had, maar we wisten haar toch zo voor de camera te krijgen.

Hij klikte precies op het moment dat ze overeind kwam om het koekje in ontvangst te nemen. Een onmogelijke foto, maar de fotograaf leek tevreden. Het was nog in het tijdperk voordat foto’s digitaal werden gemaakt. Het zou mij benieuwen wat hij ervan gebakken had. Ik vreesde het ergste. Dieren fotograferen is ontzettend moeilijk. Deze fotograaf scheen volgens de eigenaar van de dierenwinkel één van de weinige in Nederland te zijn, die het ook nog aardig kon.

Ik was niet thuis op het moment dat de foto’s afgedrukt waren, maar een paar weken later haalde Inge ze op. Ze ging even naar de dierenwinkel voor een boodschap, had Sientje bij zich en de verkoper zei: ‘Hé, jou heb ik al gezien vandaag. Op een prachtige foto.’ Hij liet de foto’s zien en Inge was verkocht. Ze zat er prachtig en heel uitdagend op. Met de nieuwsgierige blik van een teckel. Ze kwam iets naar voren – tegen de bedoeling in – maar het maakte foto heel sprekend.

Helemaal verkocht

Inge was helemaal verliefd op de foto en schafte meteen het hele pakket foto’s aan. Dat het bijna twintig euro kostte, vergat ze even. Dat was ook de verleiding, je kreeg 1 foto gratis van de dierenwinkel en de rest kon je erbij kopen. Het jaar erop kwam de fotograaf weer en kochten we weer het hele pakket. Nog een jaar later, was er voor ons de lol vanaf. Het werd teveel van hetzelfde. Daarom namen we toen alleen de gratis foto op.

Die allereerste fotoserie is nooit meer overtroffen. Zo prachtig als ze daar op staat, zo mooi hebben we haar nooit meer op de foto gekregen. Misschien zit het geheim erin dat ze precies overeind kwam op het moment dat de fotograaf klikte. Een actiefoto.

Lees het vervolg: Vrienden »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Park aan huis – Sientje (32)

We namen Sientje in huis met de kanttekening dat ze niet opgevoed was. Net als dat ze niet zindelijk was. ‘Ze heeft alleen in de kennel geleefd en niet in huis. Daarom moet ze nog leren hoe ze zich in huis moet gedragen. Ze is nog niet zindelijk.’ We probeerden haar zoveel mogelijk uit te laten en met behulp van beloningen buiten te laten plassen en poepen.

Dat ging de eerste dag gelijk al mis. Op het moment dat Inge iemand aan de telefoon had voor een bench die in de krant stond, stond Sientje midden op de vloerbedekking te poepen. De stress had het allemaal niet tot een mooie harde drol gehouden. De drol stonk enorm en was niet zo fraai gebonden om met een stukje keukenpapier op te pakken. We gaven het voer – Fokker Plus – hier de schuld van, maar waarschijnlijk was het een combinatie van omstandigheden.

Ze kreeg meerdere keren per dag gelegenheid haar behoefte te doen bij het uitlaten, maar het lukte niet altijd even goed. Zo waren we de eerste dagen flink bezig de boel op te deppen bij thuiskomst. Het had ook te maken met de manier waarop ze vroeger altijd werd behandeld. Ze kreeg het eten terwijl ze in de bak met zand stond waarin de honden uit de schuur ook hun behoeften konden doen.

Drollen

Dat hadden we ook gezien. In de uitlaatruimte stonden tussen de drollen de lege etensbakken en een bak met water. Als ze eten kreeg thuis, volgde na de laatste hap vrijwel meteen een drol. Zodoende probeerden wij de volgorde om te draaien. ‘s Morgens lieten we haar meteen uit als we haar de bench haalden. Na het uitlaten kreeg ze haar eten. Het werkte best aardig.

Ook stelden we vaste uitlaattijden in: ‘s morgens, aan het eind van de middag en ‘s avonds. Hier volgden we een kennis die een baan had en ook op die manier haar honden een dag alleen kon laten. Eigenlijk is het een luxe om een hond zo kort na de ochtendwandeling alweer te trakteren op een ronde rond lunchtijd.

Zindelijk krijgen

Het kostte wat moeite om Sientje zindelijk te krijgen. De pogingen met de krant werkten zeer slecht. Het beste was om haar te belonen als ze buiten wat deed.

Een vriendin kwam in die tijd langs met haar labrador. De hond was vaker in het huis van Inge geweest, maar nog voordat Sientje bij ons kwam wonen. Het was een reu en hij stapte binnen. Maar keek al snel onwennig om zich heen vanwege die vreemde snuiter die hier nu ineens liep. Bovendien vond hij het stinken.

Eerst dook hij op zijn favoriete steen, die hij al een keer eerder probeerde te verschalken. Nu deed hij moeite om Sientje om zijn vinger te winden. Zeker ook omdat ze loops was. Volgens die vriendin, liet het hem koud, maar dat leek nogal mee te vallen. Of tegen te vallen, het maar hoe je het bekijkt.

Vreemde geurtjes

De hond was verder heel druk met de vreemde geurtjes die overal rondhingen. Zo liep hij op de verrijdbare poef in de hoek af. Hij snuffelde uitgebreid aan het stof, zette een stap opzij en verhief zijn achterpoot. Zo stond deze zindelijke volwassen hond midden in de kamer te plassen. ‘Hé’, riep die vriendin. ‘Het is hier geen park.’ Sientje keek hem alleen droogjes aan, met een blik van wat doe jij hier nou? Terwijl ze er zelf ook wel wat van kon.

Het bleef moeilijk om haar helemaal zindelijk te krijgen. In het begin had ze nogal de neiging bij de begroeting iets te laten gaan. We losten dat op door haar niet meer overdadig enthousiast te begroeten bij thuiskomst. Het hielp heel aardig. Daarnaast kon er weleens een ongelukje gebeuren. Dat gebeurde uiteraard altijd op een heel ongelukkige plek.

Het kleed was favoriet en er waren diverse zones in de vloerbedekking die ernstig verkleurden door de hondenurine. Het poetsen was daar niet zo bestand tegen.

Lees het vervolg: Kasteelhond »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Loopse mijt – Sientje (27)

Ze is loops, vertelde de dierenarts bij de eerste controle. We hadden haar net die zaterdag gekocht en die maandag ging ik gelijk voor controle. Het was onze deal met de vorige eigenaar. Wanneer het een ongezonde hond zou blijken te zijn, kregen we ons geld terug. Aan de andere kant beseften we gelijk dat we Sientje niet meer kwijt wilden. Dus wat we gedaan hadden met een ongezonde hond zal altijd de vraag blijven.

Ik was ontzettend boos op de verkoper. Hij had me besodemieterd en een loopse teef aan ons verkocht. ‘Dat kan goed zijn’, antwoordde hij koeltjes. ‘Die andere waarmee ze in het hok zat, is vandaag ook loops geworden.’ Ik geloofde weinig van het verhaal. ‘Mankeert er nog meer aan?’ vroeg ik hem. ‘Nee, echt niet. Ze worden altijd ongeveer gelijkertijd loops als ze bij elkaar zitten’, antwoordde hij.

Dat hij de honden na de laatste inenting helemaal niet meer had ingeënt en de hoektanden afgesleten waren, liet ik maar voor wat het was. De inenting had ik ook nog niet laten doen. De dierenarts wilde haar niet teveel stress geven. Dat ze nu bij ons woonde, was voor haar al een grote verandering. Dan moest je niet teveel dingen erbij doen. Ook ontraadde hij ons haar snel te wassen of te trimmen. Laat haar eerst maar even rustig wennen.

Bij de controle en inenting een paar weken later, constateerde de dierenarts dat de loopsheid weliswaar voorbij was. Maar nu was ze schijnzwanger. Iets om in de gaten te houden, gaf hij er als opmerking bij. Dat ze even later schijnzwanger werd – met opgezette tepels en melk die eruit vloeide – probeerden we te bestrijden met kamferspiritus.

Het hielp weinig, maar ze rook wel heel erg lekker. Het hoorde bij de kwaaltjes die we onder handen namen. De ruimschoots aanwezige oormijt – volgens de dierenarts een duidelijk teken van verwaarlozing – bestreden we met oordruppels die hij zelf importeerde uit Frankrijk.

Op de terugreis van de kampeervakantie reed hij altijd langs de producent van dit goedje, dat volgens hem in Nederland niet verkrijgbaar was. ‘We moeten weer nodig naar Frankrijk’, zei hij een keer in mijn bijzijn toen hij de laatste doos met flesjes aanbrak.

We hebben het spul het hele leven van Sientje in haar oor gedruppeld. Na de druk op het pipetje wreven we het goedje flink in door het kleine oorzakje dat tegen de kop zit, zachtjes te masseren. Als ze genoot van het kneden, dan moesten we de behandeling nog even aanhouden. Alleen als ze koppig weigerde, dan zou de mijt vertrokken zijn. Tijdelijk want zodra ze weer fanatiek bij haar oor aan het krabben was, was de mijt teruggekeerd.

De schijnzwangerschap was eveneens een probleem. De dierenarts constateerde het. ‘Het lijkt niet dat het weggaat’, beweerde hij. Hij stelde voor om haar te steriliseren en alles eruit te halen. Alleen zo heeft ze er geen last meer van. Hoe het kwam, wist hij niet. Maar hij achtte het verstandig met sterilisatie een einde te maken aan het probleem van de voortdurende schijnzwangerschap.

Zo maakten we een afspraak voor het steriliseren. De dierenarts zou haar gelijk verlossen van een dikke knobbel op de rug. We brachten haar ‘s ochtends vroeg. Ze moest nuchter zijn. Moeilijk voor Sien, want de hongerige wolf kreeg ‘s morgens altijd te eten. Ik liep naar de dierenarts vanaf huis, dan kon ze gelijk haar gebruikelijke behoefte doen. Natuurlijk voelde ze dat haar iets te gebeuren stond en deed ze helemaal niks. Eigenwijs als ze was. Ik nam met weemoed afscheid van haar, dikke knuffel, beetje verdrietig. Wie zegt dat het allemaal goed af zou lopen.

Die middag kwam het verlossende telefoontje maar niet. Ik zat in spanning te wachten en uiteindelijk belden ze om vier uur. ‘Het heeft even geduurd, maar u kunt haar over een uurtje komen halen.’ We snelden naar de dierenarts en waren er binnen een kwartier. Veel te vroeg natuurlijk zodat we moesten wachten en de spanning alleen maar toenam.

Daar hoorden we dat het allemaal wel zwaar was geweest. De assistente stond ons te woord. Door een spoedgeval was de dierenarts weggeroepen tijdens de operatie, maar het was allemaal gelukt. ‘Ze heeft veel bloed verloren, dus ze kan nog wel een beetje instabiel op de pootjes staan. Het duizelt allemaal bij haar. Maar ze mag mee naar huis hoor. Zorg er goed voor dat ze niet bij de wond kan.’

Nog weer lang wachten en daar kwam ze binnen. Het eerste zag ik de dikke bult op haar rug, die er nog mooi bovenop zat. ‘Ik denk dat we dat zijn vergeten’, zei de assistente. De dierenarts was er nog steeds niet. Sientje liep een beetje dizzy op de pootjes, maar wilde zo snel mogelijk uit de wachtruimte. Naar buiten, weg hier van deze pijnlijke figuren.

We stonden nog niet buiten en daar wiebelde ze op haar pootjes. De rug gebogen, de voorpoten naar de pijnlijke achterkant. Daar kwam de drol die ze vanmorgen zo dapper had opgehouden. Nog duizelig van de operatie, viel ze bijna om maar ze perste die drol eruit. Vlakbij de ingang. Een man liep ons voorbij en kon zijn lachen niet inhouden. Met de poepschep raapte ik de worp op, maar Sientje trok mij al meteen naar de auto. Weg hier.

Lees het vervolg: Ben je boos, pluk een paardenbloem »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Afgesleten hoektanden – Sientje (26)

Bij de eerste medische inspectie viel het de dierenarts gelijk op. ‘Afgesleten hoektanden,’ zei hij. Ik vroeg hoe dat kon. ‘Waarschijnlijk veel spelen met een balletje,’ suggereerde hij. Maar dat bestond niet. Volgens de overlevering had ze haar 4 levensjaren voornamelijk in een schuur geleefd en was er nooit met Sientje gespeeld. ‘Ik weet het niet’, zei de dierenarts. ‘Ik ken de hond niet en zie alleen dat de hoektanden afgesleten zijn.’

Het antwoord op het raadsel vonden we niet. Sterker nog: Sientje hield helemaal niet van balletjes. We hadden bij die eerste aankoop in de dierenwinkel van Goor ook wat speeltjes gekocht. Een balletje, een trektouw, een beestje met een luide piep erin. Spulletjes waar elke hond gelijk mee aan het spelen slaat. Sientje niet. Zij liet alles roerloos liggen. Pakten wij iets op en gooiden het weg, dan keek ze ons hooguit met verbazing aan.

Spelen moet je leren. Dat oudere honden aan een touw trekken, komt omdat ze het spelen niet zijn verleerd. Bij Sientje kon je je afvragen of ze ooit spelen had geleerd. Vanaf haar geboorte leefde ze in de schuur van de fokker. Daar waren geen speeltjes.

Toen we haar kochten liepen we van de schuur waarin ze zat naar de auto. Ze trok in de achtertuin en dook met haar neus hard in de grond. In de richting van een boompje trok ze. Ik dacht dat het kwam omdat ze niet gewend was aan de riem te lopen. Maar volgens de fokker kwam het omdat er een botje van de huishond lag.

De liefde voor botten zat in haar hele lijf. Wanneer je haar een kauwbot in de vorm van een stuk samengeperst runderhuid neerlegde, ging ze het te lijf met groot enthousiasme. Het ding werd zorgvuldig uitgepeld als een banaan uit haar schil. De restjes runderhuid hingen in Sientjes pootjes en kleefden aan haar nagels. Het overgrote deel van het bot verdween in de maag. Ze stopte pas als het bot op was of als ze van uitputting neerviel.

Maar spelen met een balletje. Daar deed Sientje niet aan. Je kon weggooien wat je wilde, er achteraan rennen liet ze over aan de gooier. Een project met eten in de bal mislukte jammerlijk. Zeker ze was druk met de bal in de weer en accepteerde dat het ding van die rare knorgeluiden maakte. Verder drukte ze het ding voortdurend in een hoek bij de deur. Ze beukte de bal tegen de deur tot het laatste brokje uit het smalle gaatje viel. Daarna was je nog geruime tijd in de weer alle stukjes brok te achterhalen die verspreid achter meubels waren terechtgekomen. Dan jankte en drukte met haar neus zo lang door tot je het voor haar had gepakt.

Hoe die afgesleten hoektanden kwamen, wisten we niet. We konden het alleen maar raden. Ze zagen er van boven helemaal afgevlakt uit en staken zo nauwelijks hoger uit dan de rest van de voortanden. Zo vertelden we vaak – ook om het zielige verhaal compleet te maken – onze vermoedens bij deze vlakke hoektanden. Het leek wel of ze afgevijld waren met een ijzervijl of nagelvijl. Zo vertelden we het verhaal dat haar hoektanden vermoedelijk waren afgevijld. Dit om de jongen te beschermen voor beschadigingen. De lijn van Sientje was een showlijn en daarom hielden wij dat rare idee erop na.

Maar is dat een goede verklaring of een mooi verhaal? Hoe slijt een hond zijn hoektanden? Met botjes lukt dat niet. Aan de balletjes heeft het evenmin gelegen. En met andere dingen is ze ook nooit in de weer geweest. Daarom zochten we vergeefs naar een verklaring. Er is er eentje. Van de fokker van onze huidige honden hoorden we het verhaal van een vurige teckel die steeds aan een houten reling hing. Ze sprong dan op, hing aan het hout van de schutting en liet dan eindelijk los. Ze deed dit tientallen malen per dag. Op den duur sleten de hoektanden dusdanig af dat ze zich niet meer kon optrekken aan de schutting.

Mogelijk heeft Sientje in de periode opgesloten in de schuur ook aan het houten schot gehangen. De kennels werden gescheiden door houten schotten waarvan de bovenkanten er inderdaad afgesleten uitzagen. In haar drift naar buiten te breken, kan ze dit gedrag hebben vertoond. Het is een verklaring, maar of het een afdoende verklaring is, vraag ik mij af. Net zo min dat ik geloof dat ze vaak met balletjes zou hebben gespeeld. De verklaring van het hangen in het schot, is dan een stuk logischer.

Lees het vervolg: Loopse mijt »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief