Matters 80e verjaardag

Een bijzonder verjaardagspartijtje is de verjaardag van Bert Matter. Hij is 80 jaar geworden. Of zoals hij het zelf zegt: ‘Vroeger zou ik nu echt oud zijn geweest.’ De jarige wordt getrakteerd op een prachtig concert van 4 van zijn leerlingen.

In een afgeladen kerk spelen Cor Ardesch, Berry van Berkum, Klaas Stok en Johan Luijmes. Centraal staan als heuse pijlers de Bachkoralen ‘Allein Gott in der Höh sei Ehr’ (BWV 663 en 662) en ‘Nun komm der Heiden Heiland’ (BWV 599). Liederen die Bert Matter in zijn (kerk)muzikale praktijk ook vaak aanhief.

Spektakel

Het spektakel zit in de improvisatie. Als er iets is waar Bert Matter bekend om is, dan zijn het zijn bezielende improvisaties. Vooral op het bijzondere orgel waar hij 33 jaar organist op is geweest: het Baderorgel uit 1643. Het is een prachtig instrument, waarop een improvisatie een mystieke ervaring wordt. Dat bewijzen ook de 4 organisten op Bert Matters verjaardag.

De jarige staat helemaal in het zonnetje. Elke leerling uit zich op zijn heel eigen wijze. De minimal music klinkt wel door in de improvisaties, maar elk op een heel eigen wijze. Net als dat de nieuwste compositie van Bert Matter ‘Deus Creator Omnium’ ook aansluit in zijn kenmerkende stijl.

Ervaring

Het luisteren naar een improvisatie is vooral een ervaring. Misschien is het wel, zoals Jan Jongepier het noemde, een combinatie van publiek en muzikant. Dat een hele kerk vol mensen doodstil luistert naar een improvisatie. Het verhaal waarnaar je luistert is uniek en als de klank wegsterft is de improvisatie vervlogen.

Ook nu beleef ik zo’n ervaring bij de improvisatie van Klaas Stok. Met minimale klankverschuivingen roept hij een bijzonder verstilde sfeer op in zijn improvisatie over ‘Nun komm, der Heiden Heiland’. Compleet met de aanvulling van de menselijke stem. De bovenstem in zijn grillige verloop wekt de suggestie van vogelzang.

Daar vermengt zich de oervorm van de muziek: vogelzang en de menselijke stem. De diepe grondtonen maken het bijna tot een middeleeuwse belevenis en dat alles heel eenvoudig. In mijn ogen de essentie van muziek, alle opsmuk eraf en bij de kern blijven. Een bijna onmogelijke taak, maar wel minimaal!

Warme aanraking

Zo benadrukt de jarige zelf ook in zijn toespraak. Hij heeft er alle vertrouwen in met zijn opvolger en de muzikale sfeer in de kerk. Wel ziet hij hoe het gebouw in de wintermaanden niet gebruikt wordt. Het orgel heeft juist in die koude periode een warme aanraking nodig. Het instrument is zijn leermeester geweest en tegelijkertijd houdt hij van dit orgel als is het zijn vrouw. Daarom pleit hij ook voor het zorgvuldig beheer van ons cultureel erfgoed, waaronder dit bijzondere orgel hoort.

En terwijl ik na de drukke receptie weer door de stille straten van Zutphen loop in de avondzon, vraag ik mij af of je dit overal kunt bereiken. Je hebt wel een prachtig gebouw, een schitterend orgel en eeuwenoude traditie binnen handbereik. Hoe doet die organist dat in het kleine dorpskerkje op een orgel van 50 jaar oud? Is het daar ook op te roepen of blijft het beperkt tot slechts enkele indrukken op de verjaardag van een 80-jarige organist?

De Bijlmer en zijn bouwmeester

Een heuse biografie over de bouwmeester van de Bijlmer. Het boek De betonnen droom is een mooie mix geworden van de futuristische wijk ten zuidoosten van de hoofdstad: de Bijlmer en de man op wiens tekentafel deze stad vorm kreeg: Siegfried Nassuth.

Daan Dekker heeft dit boek geschreven. Het is een mooi verhaal geworden. Aan de hand van zijn speurtocht naar de sporen van de inmiddels overleden ontwerper en de vele mensen die hem gekend hebben, schrijft Dekker het verhaal van de Bijlmer zelf.

Hij staat stil bij allerlei vragen en ontwikkelingen. Hoe een gedroomde wijk in een nachtmerrie verandert. Hoe veel mensen de Bijlmermeer zien als een mislukt project. Of hoe het mogelijk is dat deze woonwijk met honingraadflats is verworden tot een symbool van architectonische grootheidswaanzin.

Is het echt zo dramatisch gesteld met deze wijk? De vernieuwingsdrift van tegenstanders heeft de Bijlmer wel gemaakt tot een wijk die inwisselbaar is met allerlei andere nieuwbouwprojecten. Stond het eerst nog symbool voor gelijkheid en zag Siegfried Nassuth het groen als dé toegevoegde waarde, later is het vooral het beton en de hoogbouw geweest waartegen mensen zich verzetten.

In de biografie van Daan Dekker is het tijd voor de nuancering. Hij spreekt voorstanders en tegenstanders. De architect Pi de Bruijn heeft geen goed woord over heeft voor Amsterdam Zuidoost. Hij presenteert Siegfried Nassuth als een driftig mannetje dat zijn gelijk moet hebben. Als je hem tegenspreekt, verschijnt bij hem het schuim op de lippen.

Dit terwijl de architect Rem Koolhaas lyrisch is over de Bijlmer, zo vertelt Daan Dekker in zijn biografie.

Rem Koolhaas had zich al meerdere malen lovend over de woonwijk uitgelaten. ‘De Bijlmer heeft een monumentale grootsheid en is, ondanks haar onbeholpenheid, ruwheid en eentonigheid, een architectonisch spektakel. In haar monotomie, hardheid, ja zelfs in haar brutaliteit.’ (264)

De Bijlmer als ‘Socialisme in de jungle’. Het heeft niet mogen baten, want de woonwijk moest eraan geloven de laatste 25 jaar. Nog geen 25 jaar oud vielen de honingraadflats ten prooi aan de sloophamer. Het project was voor veel mensen mislukt. Maar zijn het niet heel andere fouten die gemaakt zijn bij de Bijlmer? En heeft deze wijk wel een kans gekregen?

Het lijkt er vaak op dat Nederlanders een duidelijk oordeel hebben over wat schoonheid is. Temidden van krakkemikkige woningen in een overvolle binnenstad, bijvoorbeeld. En moet iedereen echt aan een gracht wonen midden in Amsterdam. Net als het oordeel dat veel mensen klaarhebben over Almere. Het zijn plaatsen waar je blijkbaar niet trots op mag zijn.

Daan Dekker: De betonnen droom: over de Bijlmer en zijn eigenzinnige bouwmeester. Amsterdam: Thomas Rap, 2016. Prijs: € 19,99 (paperback). ISBN 9789400404731. 366 pagina’s.Bestel

Intermezzo – #fietsvakantie

Het maakt mij weemoedig. Terugdenkend aan het plotselinge afscheid dat ik nam van het koor in Langeveen. Het kerkbestuur wilde met mij afspraken maken, maar ik voelde mij beknot.

De motivatie verdween. Ik moest weg bij de krant en het moment dat ik een andere baan kreeg, ver weg, heb ik aangegrepen afscheid te nemen van het koor. Zonder ze nog een keer te ontmoeten, verdween ik. Het niet is niet altijd makkelijk afscheid te nemen.

Thuisgekomen ga ik op zoek naar het koor van Langeveen. Ik lees van de leden die er niet meer zijn. Een groot interview met de koorleden, waarbij ze allen die er niet meer zijn.

De dirigent Nico is overleden, vrij snel nadat ik het koor verliet. Gestreden tegen een ernstige ziekte, overwonnen, maar dan ineens is het afgelopen.

Of Theo, die mij naar Langeveen haalde. Hij is er ook niet meer. Het maakt mij nog weemoediger dan ik al ben. Hoe zou het gegaan zijn als ik gebleven was. Zou het orgel nog weleens bespeeld worden?

De foto ziet er gelukkig uit en ik herken nog een paar gezichten. Hoe ik weer verder gegaan ben en zij weer. Mensen achterlatend die hun eigen weg hebben gevonden. Het kerkkoor van Langeveen. Het heeft een warm plekje in mijn hart. Al heb ik best wel ruw afscheid van ze genomen.

Fietsvakantie

In augustus maakten Doris en ik een mooie fietstocht door Nederland met als bestemming: Twente. Elke week op vrijdag schrijf ik een stukje over deze bijzondere fietsrit.

Vuursteenweg? – Tiny House Farm

Wat wordt de naam van onze straat van de Tiny House Farm? We mogen dat zelf beslissen. De vondst van het vuursteentje zorgt ervoor dat we de straatnaamcommissie mogelijk de naam Vuursteenweg zullen voorstellen. Door de nieuwe ontwikkeling is de enquête onder de toekomstige bewoners iets aangepast.

Ik kan mij niet voorstellen dat ze bezwaar zullen maken, zeker ook omdat de weg naast ons de naam Zeebodemkolonistenweg krijgt. Dat is goedgekeurd en ik hoop er het beste van voor onze straat. De naam verbergt iets van de lange geschiedenis van bewoning in dit gebied.

Volgens een onderzoeker van de Vrije Universiteit in Amsterdam zijn er sporen van 200.000 jaar geleden. Mogelijk is ons vuursteentje van een Neanderthaler afkomstig, want die hebben in deze vallei van de Eem waarschijnlijk geleefd.

Best bijzonder om daarboven te komen wonen. Het geeft het plekje een extra dimensie. Vooralsnog is de schade beperkt. In de nieuwe plannen is het gemeenschapsgebouw iets naar beneden geschoven. Zo krijgt de vindplaats een heel eigen plekje.

De resultaten van de enquête wijzen op de naam Vuursteenweg, mooi verlengstuk voor het gemeenschappelijk gebouw was de suggestie van een medebewoner om er Vuursteenhoeve van te maken. Ook omdat het gebouw moet opschuiven door de vondst van het vuursteentje.

Levensechte afbeeldingen: Divina Commedia: Louteringsberg: Canto 12a

Dante merkt dat hij net zo gebogen en traag loopt als de Oderisi. Als ossen onder een juk, zo lopen ze daar samen in dit gedeelte over de Louteringsberg. Maar Vergilius trekt hem weer bij de les: spaar je krachten, je hebt nog veel energie nodig verderop.

Dante hoeft immers niet gelouterd te worden. Hij geniet van de lichtheid van zijn ziel, zo zegt de verteller over zichzelf. Al houdt hij zijn gedachten nederig.

Wel adviseert Vergilius om naar beneden te kijken. Daar ziet hij hoe de weg onder hem is geplaveid met reliëfafbeeldingen. Onder zijn voeten schuiven alle hoogmoedige zondaars uit de bijbel en de Oudheid. Ze zien er levensecht uit, merkt de verteller op.

Daar verwondert Dante zich over de manier waarop de figuren in het steen zijn gehouwen. Hij ziet Nimrod, Niobé, Saul, Arachne en vele anderen. Ze zien er zo echt uit, dat zelfs de koelste kikker hier warm van wordt. Een mooie visie op de levensechtheid van de kunst, de kunst als nabootsing van de werkelijkheid en misschien wel diezelfde werkelijkheid overtreft:

Wie heeft door stift, penseel zoo uitgeblonken,
Dat hij ’t vlakke en ’t gestulpte heeft getogen,
Waar ’t fijnst gevoel verrukking werd geschonken.

’t Stond – ’t doode’ als levende’- alles juist voor oogen,
Géén kon de waarheid beter ooit aantreffen,
Dan ik zag, toen ik met hen ging gebogen.

Draag hoog de borst, wil trotsch de hoofden heffen
O Eva’s kind’ren en ’t gelaat niet nijgen
Om niet, waar Uw pad heen voert, te beseffen! (vs 64 – 72, Rensburg)

Ook hier geldt de nederigheid van de mens. Terwijl Dante naar het pad kijkt waarop hij loopt, ziet hij dit. Als hij hoogmoedig en trots zijn hoofd omhoog geheven zou hebben, zou hij al dit moois niet hebben gezien.

Lees de andere bijdragen van het Dante project

Gedichten rond Canto 10

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Literatuur
De hier gebruikte vertaling is van J.K. Rensburg uit 1908. Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.

Veelstemmigheid

De Russische literatuurwetenschapper Bakhtin noemt het heteroglossia in de roman, veelstemmigheid. Ik was helemaal vol van deze literatuurwetenschapper tijdens mijn studie Algemene Literatuurwetenschap in Leiden. In zijn roman Het valse seizoen speelt Christiaan Weijts met deze theorie.

Hij heeft de roman letterlijk opgebouwd uit 3 vertellers die elkaar brieven schrijven. De verhalen staan in de basis op zichzelf, maar soms kruisen de verhalen elkaar. Als bij een muziekstuk, zo gaan de stemmen met elkaar op of fungeert de ene stem als contrapunt voor de andere.

Dit is gedaan door de paragrafen in de hoofdstukken af te wisselen met de symbolen voor 3 sleutels zoals ze gebruikt worden in de muziek. Het is de g-sleutel (vioolsleutel), f-sleutel (bassleutel) en de c-sleutel. De eerste 2 sleutels worden bijna altijd gebruikt in de muziek. De c-sleutel is iets zeldzamer. Deze stem is dan ook bestemd voor Nadège. Zij laat zich wat minder goed in een sleutel passen.

Aanvankelijk lopen de verhalen nog best uiteen. Als lezer zoek je de verwantschap tussen de verhalen en de stemmen. Later gaat het veel meer in elkaar op. De bijzondere verhalen van het stel Camiel en Nadège krijgen daarmee een mooie aanvulling in het verhaal van de componist Pablo Sleedoorn.

Daarmee heeft Christiaan Weijts op een toegankelijke manier de literaire theorie van Michael Bakhtin verwerkt in zijn roman. De stemmen klinken zoals in de moderne roman, maar het is geen kakofonie. Juist de 3 aparte stemmen, maken deze roman tot een evenwichtig ensemble van 3 muzikanten.

Christiaan Weijts: Het valse seizoen. Roman. Amsterdam: De Arbeiderspers, 2016. ISBN: 978 90 2950 5215. Pagina’s: 454. Prijs: € 23,99. Bestel

IJsvogeltje

De ijsvogel heeft een mooie rol in Christaan Weijts roman Het valse seizoen. De vogel staat afgebeeld op de vioolkoffer van Nadège. De ijsvogel staat symbool voor zuiverheid en schoonheid. De violiste Nadège is ook de zuiverste muzikant in de roman. Zij vliegt haar eigen weg en kiest ook voor zichzelf.

Ik had je mee moeten noemen. Iets. Iets had ik moeten doen. Ik heb een inzet gemist. Misschiein hoefde ik alleen maar jouw naam te noemen. Misschien was dat voldoende geweest. Nadège! De ijsvogel die alweer weg is als je roept: een ijsvogel. (70)

Ze is daarmee ongrijpbaar en de verteller weet haar mooi te vatten. Ze laat zich niet zomaar pakken. Ze kiest haar eigen weg en weet daarmee haar oorspronkelijkheid te behouden. Juist het willen vastleggen en niet durven loslaten van de muziek, is de handicap van de violist Camiel.

Ze blijven daarmee om elkaar heencirkelen. Al hebben ze meer verwantschap dan ze denken. Hun verleden ligt dichter bij elkaar dan het zo lijkt. De muziek verbindt ook hier. Muziek is de grote verbinder in deze roman van Christiaan Weijts.

Juist muziek spreekt een verbindende taal. Daar verwijst Nadège ook naar als Camiel haar vraagt naar de ijsvogel op haar vioolkoffer. Ze heeft de afbeelding uit het Prado. Het herinnert haar aan de demonstraties op Puerto de Sol. Ze liep mee met de Indignados.

Christiaan Weijts: Het valse seizoen. Roman. Amsterdam: De Arbeiderspers, 2016. ISBN: 978 90 2950 5215. Pagina’s: 454. Prijs: € 23,99. Bestel

Dichter in Genua

Als het schip Titanic in de haven van Genua aanmeert, legt de verteller van de roman Het valse seizoen een leuke link met de werkelijkheid. 1 van de 3 personages, de componist Pablo Sleedoorn gaat van het schip af en bezoekt meteen een beroemde Nederlandse dichter.

Het is natuurlijk Ilja Leonard Pfeiffer die vorig jaar zijn imposante brievenboek over Genua uitbracht. En in 2014 met de roman La Superba over zijn geliefde Italiaanse stad nog de Libris literatuurprijs won.

Ik heb met Pablo een ommetje gemaakt en een bordje pasta gegeten op het Piazza delle Erbe waar we gezelschap kregen van een dikke langharige dichter uit Nederland die Pablo vroeger gekend had en die hier bleek te wonen.
‘Ah, kijk eens aan!’ klonk de bronzen basstem vanonder een luifel. ‘Pablo Sleedoorn… Wat een genoegen om jou hier te zien.’ (368)

Voor Camiel roept Genua herinneringen op aan de film over Paganini. Hij speelt hierin de vingerzettingen die de actueur Paolo Masterelli niet machtig is.

In de smalle stegen bij de haven rook het afwisselend naar voedsel, urine en schoonmaakmiddelen. (367)

De sfeer van de roman en het brievenboek van Ilja Leonard Pfeiffer ademt dit fragment slechts gedeeltelijk. Je proeft hier wel de fascinatie van de Nederlandse dichter voor deze rauwe stad. Dit is niet het Italië dat de meeste mensen kennen, merkt de verteller op. De steegjes in deze stad hebben dezelfde atmosfeer als de stegen rond de Amsterdamse Zeedijk.

Christiaan Weijts: Het valse seizoen. Roman. Amsterdam: De Arbeiderspers, 2016. ISBN: 978 90 2950 5215. Pagina’s: 454. Prijs: € 23,99. Bestel

Fantaseren over de werkelijkheid

Christiaan Weijts integreert in zijn romans de hedendaagse werkelijkheid op een bijzondere manier in het verhaal. Zo schrijft hij in Euforie over een aanslag in Den Haag, waarbij hij refereert naar aanslagen in Madrid en Londen.

De nieuwste roman Het valse seizoen biedt veel ruimte voor de aanslag in Parijs op het cartoonistenblad Charlie Hebdo. Deze gebeurtenis krijgt een plekje voor het personage Nadège. Een foto van haar circuleert op de voorpagina van Libération en krijgt daarmee een heldenrol.

Daar stond ze, Nadège. Met haar viool het middelpunt van de verzamelde menigte op de place de la République. Met haar warmrode altviool als enige kleur in die zwartgeklede massa met hun zwarte JE SUIS CHARLIE-bordjes. (207)

Ze staat daar en speelt. Muziek verbindt. Het gebeurt rond de tijd dat ze wordt uitgenodigd om op de gereconstrueerde Titanic mee te komen spelen in het ensemble. De foto op de voorpagina in de krant is de reden voor de dirigent om haar aan te nemen. Hij neemt er Camiel maar voor lief bij in het orkest op het cruiseschip.

De bouw van dit schip heeft Christiaan Weijts evenmin verzonnen. Het is een serieus initiatief van de Australische miljardair Clive Palmer. In 2018 moet dit schip klaar zijn en de route varen die het in 1912 voor het eerst voer.

Naast de aanslagen in Parijs, spelen ook de ramp met vlucht MH17, de onthoofdingen in de woestijn door Islamitische Staat en de Zwarte pietendiscussie een rol in de roman. Het zijn actuele dingen die Christiaan Weijts op een originele manier uitlicht. Net als dat de personages rondlopen met mobieltjes en elkaar whatsappen.

Christiaan Weijts: Het valse seizoen. Roman. Amsterdam: De Arbeiderspers, 2016. ISBN: 978 90 2950 5215. Pagina’s: 454. Prijs: € 23,99. Bestel

Langeveen – #fietsvakantie

We beginnen aan de terugreis naar Almere. De motivatie is sterk. De gezellige verjaardag maakt het verlangen naar huis groot. Alles ingepakt, vertrekken we in de richting van het dorpje Langeveen.

We waren 2 dagen geleden al een aardig eind op weg. We fietsen voor een deel dezelfde route. Nu fris en fruitig. Het dorpje ligt niet zo ver weg.

Aan het eind van het dorp, echt op de rand, staat het kerkje waar ik organist was in 2004 en 2005. Ik maakte een heel kerkelijk jaar mee. Een koorlid was erg begaan met het Maarschalkerweerd-orgel dat er stond en wilde dat dit pijporgel weer bespeeld werd.

We stappen het kerkje binnen. Ik word geraakt door melancholie. Het smalle trapje omhoog naar het orgel. Ik durf het niet op. Van beneden uit de kerk zie ik dat er een groot elektronisch orgel voor het pijporgel staat. De wens van Theo is niet vervuld.

Ik vertel Doris over het koor dat ik begeleidde. We gaan even zitten op een bankje, steken een kaarsje aan en vertrekken weer. De warme zomerdag stappen we binnen. Verder langs de moerassen op weg naar het klooster van Borculo.

Fietsvakantie

In augustus maakten Doris en ik een mooie fietstocht door Nederland met als bestemming: Twente. Elke week op vrijdag schrijf ik een stukje over deze bijzondere fietsrit.