Weduwe Paarlenberg

De kleine Hollandse gemeenschap High Prairie bij Chicago is erg geïsoleerd. De bewoners in de roman So Big Van Edna Ferber zijn strenggelovig en erg arm. Het is moeilijk om hier goed voedsel te verbouwen. Ze gaat in de kost bij Klaas Pool, een groentekweker. Ze ontdekt dat het bestaan hard is. Het huisje van de familie Pool is ijskoud. Ook is het eten dat ze krijgt eentonig.

De oudste zoon van Klaas Pool, Roelf. is een slimme jongen. Maar van zijn vader mag hij niet naar school omdat hij moet meehelpen op de boerderij. Daarom onderwijst Selina hem in de avonduren. Ook mag hij haar boeken lenen. Hij verslindt de boeken.

Alles draait in het dorpje om het kerkje en de rijke weduwe Paarlenberg. De weduwe Paarlenberg is geïnspireerd op de Nederlandse Antje Paarlberg. Ze komt uit Warmenhuizen (Noord-Holland) en emigreert met haar man Klaas Paarlberg naar Amerika. Nog voor ze aankomen, overlijdt hij. Hij krijgt een zeemansgraf. Zij vestigt zich in Amerika.

Op de weinige afbeeldingen die van haar zijn, is een norse vrouw te zien. Edna Ferber geeft haar een flink postuur in de roman Het purperen land. Ze weet haar heel treffend te typeren, als de forse vrouw de kerk binnentreedt:

Haar gang door het middenpad deed Selina denken aan een driemaster met volle zeilen. Ze was een struise vrouw, met een gladde, lichte huid en volle rode lippen, een aanzienlijke, stevige boezem en brede heuepen die traag en ritmisch wiegden. Ze had dikke, hooghartige wenkbrauwen. Haar handen, die de bladzijden van haar gezangboek omsloegen, waren zacht en blank. (64)

De schatrijke weduwe heeft haar zinnen gezet op Pervus DeJong, een jonge weduwnaar. Als er een veiling is waarvan de opbrengst is voor een nieuw kerkorgel, biedt Pervus een buitensporig bedrag op het eten dat Selina heeft meegenomen. Het is een prachtig hoofdstuk in de roman. Eigenlijk bieden de mannen niet op het eten, maar op de vrouwen die het eten gemaakt hebben.

Selina geeft Pervus bijles. In ruil daarvoor stookt hij de klas warm voordat de school begint. Pervus is erg arm, hij heeft het slechtste stukje grond. De drassige grond werkt ook negatief op zijn gezondheid. Hij heeft last van reuma.

De bijlessen eindigen in een hartstochtelijke zoen en in een huwelijk… Selina heeft gewonnen van de rijke weduwe Paarlenberg.

Edna Ferber: Het purperen land. Oorspronkelijke titel: So Big (1924). Nederlandse vertaling: Lisette Graswinckel. Amsterdam: Nieuw Amsterdam Uitgevers, 2016. ISBN: 978 90 468 2145 9. 320 pagina’s. Prijs: € 19,99.Bestel

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn 2e bijdrage over de roman Het purperen land van Edna Ferber. We lezen dit boek bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nl. Lees de bijdragen van anderen in de reacties.

Het purperen land, zonder twijfel een klassieker

Zonder enige twijfel is Het purperen land van Edna Ferber een klassieker. Dat blijkt al uit de eerste zinnen. De lezer wordt hier misleid. Lijkt het over de jongen Zo Groot ‘(een troetelnaampje uit zijn kindertijd)’ te gaan, het gaat helemaal niet over hem.

Het gaat in So Big, want zo heet de roman in het Engels, om Selina DeJong. Na de inleiding over haar kind, verschuift de verteller zin verhaal naar moeder. Haar zoon is succesvol, maar ze is er niet trots op. Sterker nog, ze schaamt zich ervoor. Of zoals de verteller het zegt:

Ze was niet alleen ontevreden, ze was zowel berouwvol als verbolgen, alsof zij, Selina DeJong, een boerin met een groentekraam, deels schuld had aan zijn succes, en zich er deels voor verraden voelde. (8)

Dat is de aanleiding voor het boek. Het vertelt het verhaal van Selina DeJong. Hoe ze vroeg haar moeder en vader verliest. Haar vader is beroepsgokker en wordt op klaardichte dag neergeschoten. De kogel is niet eens voor hem bedoeld.

Selina staat voor de keuze of terugkeren naar haar tantes in Vermont. Ze komt via haar vriendins vader August Hempel in de Hollandse gemeenschap High Prairie, 10 mijl buiten Chicago terecht. Daar gaat ze lesgeven, zoals ook de romanheldin in Jane Austens Trots en vooroordeel doet. Stiekem wil ze schrijfster worden, maar ze zal uiteindelijk boerin worden.

Voor mij staat Selina symbool voor het volharden. Ondanks alle tegenspoed weet ze door te zetten en iets van de boerderij te maken. Daarbij moet ze niet alleen vechten tegen een ontzettend eigenwijze man. Ze leeft in een dorpsgemeenschap die vreemd tegen haar aankijkt en ze heeft ook een zoon op te voeden.

Daarbij kiest ze vooral haar eigen weg. Dat levert haar buitengewoon veel op. Terwijl haar zoon kiest voor de makkelijke weg en snel geld verdient, weet zij veel te bereiken door zichzelf te blijven. Daarbij helpen boeken en kunst je om het leven glans te geven.

Edna Ferber: Het purperen land. Oorspronkelijke titel: So Big (1924). Nederlandse vertaling: Lisette Graswinckel. Amsterdam: Nieuw Amsterdam Uitgevers, 2016. ISBN: 978 90 468 2145 9. 320 pagina’s. Prijs: € 19,99.Bestel

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn bijdrage over de roman Het purperen land van Edna Ferber. We lezen dit boek bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nl. Lees de bijdragen van anderen in de reacties.

Grappige gedichten – #50books

Poëzie hoeft natuurlijk niet ernstig te zijn. De nieuwe bloemlezing die Ilja Leonard Pfeiffer maakte in de lijn van Gerrit Komrij De Nederlandse poëzie van de twintigste en eenentwintigste eeuw in 1000 en enige gedichten, barst van de grappige gedichten.

Neem het bekende gedicht van Cornelis Bastiaan Vaandrager:

De kroketten in het restaurant
zijn aan de kleine kant.

Jules Deelder – óók een Rotterdammer – kan er eveneens wat van. Zijn nieuwste bundel Rotterdamse kost laat dat wel zien. Hij schrijft prachtig over de verschillende vormen van eten. Zeker als hij het voordraagt, verandert de poëzie in een prachtige grap. Ik heb genoten – én gelachen – van het filmpje waarin hij gedichten uit deze bundel uit zijn hoofd voordraagt.

De dichter die het gedicht tot humor verheven heeft, is wel Cees Buddingh’. Hij vond met zijn gedicht over het verwisselen van een dekseltje de lach van het publiek:

Pluk de dag

Vanochtend na het ontbijt
ontdekte ik, door mijn verstrooidheid,
dat het deksel van een middelgroot potje marmite
(het 4 oz net formaat)
precies past op een klein potje heinz sandwich spread

natuurlijk heb ik toen meteen geprobeerd
of het sandwich spread-dekseltje
ook op het marmite-potje paste

en jawel hoor: het paste eveneens

Dit gedicht laat zien dat poëzie helemaal niet hoogdravend en verheven hoeft te zijn, maar ook grappig. De uitvoering is dan veel belangrijker. Het gedicht ‘Pluk de dag’ heeft Ilja Leonard Pfeiffer niet opgenomen in zijn bloemlezing, maar is zonder twijfel de bekendste light verse van de Nederlandse literatuur.

Daarmee geldt Buddingh’ als onbetwistbare lichte dichter. Dichters als Driek van Wissen. Zijn poëzie is bijzonder toegankelijk en ook bij tijd en wijle grappig. Het gevaar bij deze gedichten is dat het vaak iets té toegankelijk is, waarmee het de zo onmisbare dubbelzinnigheid van poëzie mist.

Willem Wilmink heeft prachtige liedjes geschreven waarin een knipoog en een traan voorkomen. Neem ‘Frekie’ waarin je de ‘ernstig smoel’ voor je ziet. Of ‘Beroepskeuze’ waarin het lyrisch ik verzucht dat hij ‘stratemaker op zee’ wil worden.

Overigens kan Ilja Leonard Pfeiffer er ook wat van. Zijn baggersonnettenkrans Touwen waarin hij een loflied bezingt op het vrouwelijk geslachtsdeel, is een extreme vorm. Maar dit is weer zo vulgair dat het meer afschuw dan glimlach oplevert.

Ik heb ook verschillende pogingen gedaan om grappige gedichten te schrijven. Zo zijn er veel jeugdzondes. Neem het gedicht Lage Rijndijk 92c waarvoor ik mij bij mijn huisgenotes ter verantwoording moest verschijnen. En ik doe het nog steeds. Bijvoorbeeld de haiku die vanmorgen in mij opkwam bij het uitlaten van de honden: Hondenpoep.

#50books

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter in 2013. Martha nam het in 2014 over en in 2015 ging Peter zelf weer verder. Dit jaar neemt Martha het weer over. Vanaf de eerste vraag doe ik regelmatig mee. Naar overzicht van alle vragen.

Twentse Welle

We bezoeken het Rijksmuseum Twenthe en hebben de auto geparkeerd in Roombeek, vlakbij het monument van de vuurwerkramp. Midden in dit open terrein ligt de plek waar de explosies zijn geweest. Een grote krater ligt hier als het bewijs van deze verschrikkelijke ramp op 13 mei 2000.

De wijk is na deze ramp helemaal uit haar as herrezen. Wat een prachtige wijk is dit geworden. De vermenging van oude fabrieken en de nieuwbouw van na de ramp. Het zijn voorbeelden hoe moderne stedenbouw te midden van de industriële gebouwen een harmonieus geheel vormen.
In 1 van die gebouwen zit de Twentse Welle, de bron van Twente. In dit museum kun je de geschiedenis van Twente beleven. In de grote fabriekshallen, proeven we de historie. Het begint met de ijstijd, de wolharige neushoorn en de mammoet. Enorme dieren dier hier leefden. De gereconstrueerde neushoorn maakt indruk. Het grote mammoetskelet is samengesteld uit een heel veel gevonden mammoeten.
Bij de entree maken de gigantische slagtanden van een andere mammoet indruk. En wat dacht je van de doorsnede van eikenboom van Oele! Het is een boom die zeker duizend jaar oud moet zijn geweest. Wat een gigantisch ding en wat mooi dat hij hier staat. Zulke voorwerpen nemen je mee het verleden in.
Zo worden we meegenomen in de verdere geschiedenis van Twente. Het ontstaan van de wereld laat zich vertellen aan de hand van dit stukje Nederland. Het is te zien in een 3D-animatie. Het verplaatsen van de wereldplaten en daarmee het verschuiven van het klimaat. Zo ligt Twente ter hoogte van de koude polen of juist midden in de tropen. De uitwerking van deze gebieden is hier allemaal in de bodem terug te vinden. De gevonden afdruk van een man in een graf, brengt het verleden even heel dichtbij.
Het model van het Los Hoes dat hier staat, is eveneens indrukwekkend en roept meteen herinnering op aan de zomervakantie toen we in het gelijknamig museum waren in Ootmarsum. Iets verderop komt de geschiedenis steeds dichterbij: de textielindustrie hier in Twente. De grote machines die draaien klinken lieflijk, maar dat komt ook omdat het er maar een paar zijn. Toch geven ze genoeg indruk hoe het eraan toe ging in de Twentse textielfabrieken.
Zo geeft dit museum een mooie inkijk en combineert geschiedenis met natuurlijke historie. De vogelnestjes in alle soorten en maten, de levende spinnen en de machinematige spinnenkop. Ze komen heel treffend samen in de Twentse Welle.

Plechelmus in Oldenzaal – #fietsvakantie

Oldenzaal op maandagmorgen. Op het plein naast de Plechelmuskerk is markt. Wij stoppen voor de kerk. Het is heerlijk warm, de fietsen zetten we tegen de rekjes. Tijd om de kerk van binnen te zien. Het is mij nog nooit gelukt, maar nu zie ik de kerkdeur wijd open staan en die kans laat ik mij niet ontgaan.

De Plechelmus in Oldenzaal wordt geprezen door kerken- en Middeleeuwliefhebber Willem Wilmink. Wil je de Middeleeuwen meemaken, ga dan naar de Plechelmus in Oldenzaal, schrijft hij in het verhaal ‘Twee meisjes in Twente’. We stappen de donkere kerk in en maken inderdaad een reis door de tijd.

Meteen bij binnenkomst overvalt je de mystiek. Hier heerst het geloof van eeuwen en dat merk je. Wat een overweldigende ervaring! Het donker helpt daarbij. Hier binnen is het een spel met licht en donker. De ruimte verhult, verbergt en onthult. Het raakt je en is eigenlijk niet precies te benoemen. Een religieuze ervaring.

Een moment van bezinning. Doris steekt een kaarsje aan bij de ingang voor haar overleden kleuterjuf Corinne. De smalle noorderbeuk door. Je voelt hier inderdaad de Middeleeuwen. Eeuwen geloof en vertrouwen vind je hier. Je moet er wel voor openstaan, maar wat komt het dan binnen. Ongelooflijk!

Het lichaam dat is opgegraven en laat zien dat onder de stenen allemaal mensen liggen. Het voorgeslacht als basis. Net als het beeld van Plechelmus. Van een overvloedige rijkdom, hoeveel mensen hiervoor hebben moeten kromliggen. Dat hindert mij een beetje. Al raakt de andere kant van de kerk je eveneens.

Hier de hoge vensters van de gotiek: een andere tijd waarbij het licht centraal staat. Het ademt meteen een andere sfeer uit, maar de basis van het begin is er nog steeds. Zo zijn we hier eventjes stil, terwijl we ons omringd voelen door hen die er niet meer zijn. Een moment van bezinning.

Plattegrond van ons huisje – Tiny House Farm

Morgen komt Martin van Huisje van hout het ontwerp verder verfijnen. Een paar weken geleden beloofde ik om de plattegrond ook te onthullen. Het huisje krijgt 4 kamers in totaal: de badkamer met toilet, de woonkamer en 2 slaapkamers.

Onze slaapkamer wordt groter dan de 12 m2 die we nu hebben. Doris’ moet het met ongeveer 7 m2 doen. De keuken en woonkamer vallen samen. Voor de inrichting hebben we ons laten inspireren bij Ikea.


Het klompenhok voor het eigenlijke huis herbergt nu de hele badkamer, met toilet erbij. Daar is in de hal ook ruimte voor meterkast. We denken er nu aan om de boiler, net als de wasmachine te bergen in de badkamer. Deze wordt groter dan onze huidige badkamer.

Ik ben benieuwd of het bezoek van de aannemer nog consequenties heeft voor dit ontwerp.

Gewelddadig omgekomenen: Divina Commedia: Louteringsberg: Canto 6a

De 6e Canto opent met een mooie vergelijking. De verteller zegt dat de winnaar van het dobbelspel triomferend wegloopt, omringd door de verliezers. Zo voelt het voor hem ook als hij wegloopt van de 3 zielen die hij zojuist gesproken heeft. Bovendien volgen veel andere zielen hem nu ook.

Eindelijk weet hij zich los te maken van al deze wezens. In dit deel voor de poort van de Louteringsberg bevinden zich de zielen die gewelddadig om het leven zijn gekomen. Ook hier smeken de schimmen of Dante voor hun ziel wil bidden.

Dante vraagt Vergilius hoe hij dit ziet. Het werk van de klassieke dichter spreekt namelijk dit gebed tot God om de ziel te redden tegen. Het is een gewetensvraag. Vergilius antwoordt in zoveel bewoordingen dat in zijn tijd het gebed tot God niet mogelijk was. God was niet bereikbaar voor hem.

Nu is alles anders. Vergilius roept op hier niet te lang bij stil te staan en verwijst naar de verdere reis. Dante zal Beatrice verderop ontmoeten. Ze glimlacht hem nu al toe vanaf de hoge berg:

Tracht nochtans niet uw twijfel in te perken,
Zoolang niet zij de waarheid u doet weten
Die door haar licht al ’t Ware u doet bemerken.

Zij, Beatrice, zal u welkom heeten
Waar lachende en gelukkig ze u zal groeten
Als wij de berg geheel hebben bemeten. (vs 43 – 48, Verwey)

Het geluk zit bovenin de berg. Bij elke stap omhoog bereikt Dante steeds meer inzicht in de wereld en de mens. Dit inzicht brengt hem uiteindelijk bij Beatrice die hem daar ook weer wijsheid schenkt. Vergilius noemt haar een verbindend licht tussen Dantes verstand en de waarheid.

Dat roept Dante op om weer verder te klimmen en zelfs tempo te maken.

Lees de andere bijdragen van het Dante project

Gedichten rond Canto 6

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Literatuur
De hier gebruikte vertaling is van Albert Verwey uit 1923. Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.

Verhalen van Paustovski

De verhalen van Konstantin Paustovski blinken boven alles uit. In deze bundel zijn er slechts 3 opgenomen. ‘Het stof van de Farsistaanse aarde’ (169 – 202), ‘In een open vrachtwagen’ (322 – 324) en ‘Sneeuw’ (358 – 365). Wat onmiddellijk treft, is de melancholische sfeer die de verteller weet op te roepen. Daarnaast raakt de zintuiglijke beeldspraak je. Je ziet alles voor je ogen afspelen.

Het eerste is een heus reisverhaal waarin je als lezer wordt meegenomen, waarbij de Farsistaanse aarde centraal staat. Eigenlijk is het een liefdesgeschiedenis, verklapt de verteller:

Alles wat ik tot hiertoe opgeschreven heb, getuigt van lafheid want wat ik eigenlijk wil vertellen gaat over een heel korte liefdesgeschiedenis tussen mij en een andere vrouw. Ik hoop dat je de kracht zult hebben mij tot het einde aan te horen. Ik had het er niet over willen hebben maar het is moeilijk en ik durfde niet. Daarom praat ik steeds over weemoed, over mijzelf, over Perzië. Om de tijd te rekken… (173)

Een prachtig verhaal komt los. Een korte maar heftige liefde tussen de verteller en een vrouw die plotseling zijn hotelkamer binnenstormt. Hij komt haar gedurende het verhaal verschillende keren tegen. Ze heeft verdacht veel van een prostituee en draagt iets melancholisch over haar. Hij probeert haar te krijgen, maar ze vliegt steeds weg als hij haar net te pakken lijkt te hebben. Zeker omdat hij beweert de liefde tussen hem en haar om zeep te hebben geholpen.

Het verhaal drukt een prachtige melancholie uit over het landschap, de mensen en vooral de sfeer in dit deel van de Kaukasus. De staten Armenië, Azerbeidzjan en Georgië zijn ingelijfd door Rusland. De verteller, een drinkeboer ziet alles in een waas. Zo krijgt de mistroostigheid alleen maar bijval in de drank van de verteller.

Een prachtig verhaal dat zich in de autobiografische bundel Goudzand op meerdere manieren laat lezen. Dat staat als een paal boven water. Dat geldt evenzeer voor de andere verhalen die in deze bloemlezing uit brieven, dagboekfragmenten, journalistiek werk en literaire verhalen staan.

Konstantin Paustovski: Goudzand, Verhalen, dagboeken en brieven. Samengesteld en vertaald door Wim Hartog. Amsterdam: Uitgeverij van Oorschot, 2016. ISBN: 978 9028 261 228. Prijs: € 34,99. 670 pagina’s.Bestel

Leven samengevat in 3 liefdes

De samensteller en vertaler van Goudzand deelt het leven van Konstantin Paustovski in de vrouwen die hij heeft gehad. De Russische schrijver Konstantin Paustovski is 3 keer getrouwd geweest. Zo zijn de verhalen, dagboekfragmenten en brieven ook opgedeeld in 3 delen:

1914 – 1935: huwelijk met Jekaterina Stepanovna Zagorskaja (trouwt op 26 augustus 1916; gescheiden 1936)
1935 – 1948: huwelijk met Valeria Valisjevskaja Navasjina (1936, gescheiden in 1949)
1950 – 1968: huwelijk met Tatjana Jevtejeva (trouwt in 1949)

De 3 periodes leggen ook een andere nadruk op het leven van Paustovski. Al blijven zijn kinderen een belangrijke rol vervullen. Dat geldt voor elk kind dat uit elk huwelijk komt, aangenomen of niet. Hij behandelt ze allemaal als zijn kinderen. Hij onderhoudt daarna zorgvuldig een band met zijn (aangenomen) zonen en dochter. Het zijn de brieven aan zijn kinderen die onderhoudend en tegelijkertijd ook heel treffend zijn geschreven.

De egodocumenten geven een prachtige inkijk in het leven van Konstantin Paustovski. Geplaagd door geldnood, soms door honger en vooral door zijn gezondheid. De astma is iets waar hij veelvuldig last van heeft. Dan schrijft hij naar zijn Franse vertaalster en vraagt haar of ze hem medicatie wil toesturen tegen de astma.

Daarbij zijn ook de brieven aan zijn vrouwen heerlijk om te lezen. Hij vertroetelt ze, aanbidt ze zelfs en schrijft ze in lieve bewoordingen. De troetelnamen zijn hier aandoenlijk om te lezen. De verliefdheid vormt een aanhoudend thema en verschuift van vrouw naar vrouw. Zoals wanneer hij aan zijn laatste vrouw Tatjana schrijft, gekweld door zijn huwelijk met Valeria:

Het is een vreemd lichtblauwe, magische, maanbeschenen nacht, maar het nu over liefde gaan hebben zou nergens op slaan (u hebt immers geen ‘uitleg’ nodig), vooral ook omdat dit niet gewoon maar liefde is. Het is iets ongewoons dat het hart samenkrampt en waar ik in onze mensentaal geen naam voor ken. (381)

Konstantin Paustovski weet het prachtig te vatten in het verhaal ‘Sneeuw’ dat over het huis van een oude man gaat, waar Tatjana Petrovna met haar dochter gaat wonen. Ze komt er vanwege de woningnood in de Tweede Wereldoorlog. Ze blijft zo achter in het huis.

Als de zoon van de overleden man langskomt vanuit het front, is hij verbaasd. Hij zegt de vrouw eerder te hebben gezien, maar zij kan zich niets ervan herinneren. Het is voor hem vreemd om deze vrouw met haar dochter in zijn huis te zien, tussen zijn meubels en bij zijn piano.

Ze heeft zelfs zijn brief aan zijn vader opengemaakt. Niet dat hij het erg vindt, schrijft hij haar later. Hij zou haar zelfs kunnen liefhebben. Ook omdat hij haar in de Krim meent te hebben gezien. Maar zij is er nooit geweest, maar besluit het niet uit zijn hoofd te praten.

Konstantin Paustovski: Goudzand, Verhalen, dagboeken en brieven. Samengesteld en vertaald door Wim Hartog. Amsterdam: Uitgeverij van Oorschot, 2016. ISBN: 978 9028 261 228. Prijs: € 34,99. 670 pagina’s.Bestel

Mijn eigen goeroes – #50books vraag 4

De hoeveelheid zelfhulpboeken en verbeterboeken is een onuitroeibare stroom van verderf en bederf. Zelden zit er iets tussen waar je nog iets aan hebt als de hype voorbij is. Ik volg geen goeroes. Of eigenlijk; ik volg mijn eigen goeroes.

Verborgen impact

Er is echter 1 boek dat voor mij een grote uitzondering is. Het is dan ook geen boek van een goeroe, maar wel een boek dat je aan het denken zet. Het is het boek De verborgen impact van Babette Porcelijn.

Bij het lezen van dit boek was ik echt onder de indruk. De kleine tips waarmee je kunt besparen, zijn echt de moeite van het navolgen waard. Zo rij ik niet meer 130 kilometer per uur op de snelweg en bespaar bijna 1/5 tank.

Dit boek helpt mij ontzettend bij de vele beslissingen die ik momenteel neem over ons kleine huisje. Zo kiezen we voor hout als basismateriaal vanwege de hoge milieubelasting van beton. Ook denken we goed na over de verborgen impact van dingen die we kopen. Daarom kocht ik afgelopen zomer een tweedehands laptop.

Hypotheekvrij!

Eigenlijk staat nog een ander boek ten grondslag aan deze ingeslagen weg. Het is Hypotheekvrij! van Gerhard Hormann. Een collega wees me op dit boek. De periode dat ik zonder werk zat, maakte mij duidelijk dat het best een stap is om met minder te leven. Maar het kan en je komt er eigenlijk beter vanaf. Deze zienswijze probeer ik met het nieuwe project ook vast te houden, al vallen de kosten erg mee.

Maar of dit nu allemaal boeken van goeroes zijn zoals Martha in haar vraag aangeeft, ik betwijfel het. Het zijn juist boeken waar veel mensen niet in geïnteresseerd zijn. Terwijl ze een aardverschuiving in je teweeg brengen. Waarschijnlijk is het economisch belang te groot om dit soort boeken niet tot een hype te maken.

#50books

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter in 2013. Martha nam het in 2014 over en in 2015 ging Peter zelf weer verder. Dit jaar neemt Martha het weer over. Vanaf de eerste vraag doe ik regelmatig mee. Naar overzicht van alle vragen.