Het rulle zandpad – #fietsvakantie

img_20160812_144953.jpgOp mijn kaart staan de wegen keurig aangegeven, alleen staat er niet bij wat voor een soort weg het is. Je ontdekt tijdens het fietsen dat er veel verschillende soorten wegen zijn. Naast asfalt (rood of zwart), betonplaten, tegels of klinkertjes, zijn er ook onverharde wegen.

Ook op het terrein van onverharde wegen zijn veel varianten. Er is er eentje waarbij de bovenlaag mooi aangedrukt is met steenpuingruis. Heel veel smalle fietspaden zijn op die manier verhard. Het is voor fietsers ideaal. Bovendien zijn fietsen niet zo zwaar dat het wegdek snel wordt aangetast.

Bij het fietsen door de Veluwe krijgen we soms ook te maken met heuse zandpaden. Bijna altijd liggen de smalle fietspaden waar je elkaar net kunt passeren, naast zandpaden. Maar soms is er alleen maar een zandpad of moet je het met een grindpad doen. Je hebt dan weinig grip. Zeker als je zwaarbeladen bent.

Er zijn een paar plekken waar wij fietsen en waar alleen een zandpad ligt. Het zijn vaak wel prachtige stukken om te fietsen. Als wij de rit naar Apeldoorn willen maken, het bord van Landgoed Het Loo passeren, dan treft ons een zandpad.

Het is een rit van bijna 10 kilometer door rul zand. Op de hei aangekomen, mogen we niet van het pad afwijken, zeggen dreigende bordjes. Het is een gebied dat van Defensie is geweest. Hier liggen nog veel explosieven in de bodem die eerst opgeruimd moeten worden.

Het pad kronkelt over de heuvels. En dat maakt het extra lastig. Als we even later weer in het bos fietsen, zie ik eindeloze hoeveelheden bosbessen aan weerszijden in het bos. Dat is mij nog niet gebeurd de laatste weken waarin ik zo graag zou willen plukken.

Doris vindt het fietsen door het rulle zand heel zwaar. Er klinkt dan ook een kreet van verlichting als we op het fietspad fietsen evenwijdig aan de drukke weg naar Apeldoorn.

Daar fietsend besef ik dat ik hier in de buurt moet hebben gepicknickt met Inge bij onze eerste ontmoeting. In de auto omdat het veel te hard regende. We zijn de picknick nooit meer vergeten, het precieze plekje waar de auto geparkeerd stond wel. Maar ik denk dat het hier ergens was, langs de weg naar Apeldoorn, in de richting van Het Loo.

Fietsvakantie

In augustus maakten Doris en ik een mooie fietstocht door Nederland met als bestemming: Twente. Elke week op vrijdag schrijf ik een stukje over deze bijzondere fietsrit.

Is inscannen opruimen? – Tiny House

Tijdens onze opruimactie hebben we 2 dingen aangeschaft: een nieuwe scanner en een platenspeler die onze LP’s en singles digitaliseert. De stapels documenten en langspeelplaten kunnen zo toch worden bewaard zonder dat ze plaats innemen.
Bij het inscannen vraag ik mij wel af of ik nu niet het weggooien aan het uitstellen ben. Is het wel opruimen als je alles digitaliseert? Of verschuif je de afvalberg van je kasten naar een schijfje.

Eigenlijk maak je van iets groots iets heel kleins. Het komt terecht op een minuscuul klein stukje van een schijf. Het papier krimpt tot iets onzichtsbaars. Niet meer te zien terwijl het er nog wel is. En dat is natuurlijk de volmaakte vorm van ontspullen. Geen dingen meer hebben, maar ze toch wel hebben.

Wel vraag ik mij af of het een eerlijke manier van ontspullen is. Ik vind zelf dat het eigenlijk niet echt ontspullen is. Je zegt dat je ze weggooit, maar in een andere vorm heb je de spullen nog steeds.

Voor mijzelf denk ik dat het vooral een fase is. Een fase in het loslaten van de dingen die ik in de loop van de jaren om mij heen heb verzameld. Ik heb ze nog een beetje bij me als ze digitaal zijn. Maar ik weet ook wel dat ze digitaal nog minder bereikbaar zijn dan ze al waren in de dozen en mappen voorheen.

Het diepste van de hel: Divina Commedia: Hel: Canto 34 deel 1

img_20160923_220104.jpgDante en Vergilius komen nu in het meest onhergzame deel van de hel. Hier verblijft Lucifer. Dieper kun je niet afdalen. Hier is het diepste van het diepste. Dit deel ligt het verste af van God en is verborgen in het binnenste van de aarde.

Vergilius wijst er eerst vanuit de verte naar en zegt dat dit Dis is, waarnaar ze al de hele weg op reis zijn. Het einddoel van de reis en Dante wordt onmiddellijk gegrepen door de plek waar hij nu is:

Hoe ik verstijfde en zwijmde bij die woorden,
Vraag het niet, lezer, want ik zal ’t niet schrijven,
Daar alle woorden maar de waarheid stoorden.

Het was geen sterven, geen in leven blijven.
Wil, hebt ge een grein van geest, dus zelf doorgronden
Hoe tusschen zijn en niet-zijn ik bleef drijven.

De Koning van smartelijke gronden
Had tot de borst het ijs als grot en keten,
En eer word ik aan grootte een reus bevonden

Dan dat een reus zich met zijn arm zou meten.
Naar verhouding van geheel tot deelen
Kunt ge de grootheid van zijn lichaam weten. (vs 22 – 33, Verwey)

Dante schildert de duivel af met 3 verschillende gezichten en onder die gezichten enorme vleugels zo groot als zeilen die koude rondwapperen. Bij elke klap van de vleugels waait er een ijskoude vrieswind. In de mond van 1 van de 3 gezichten zit een zondaar.

Het is Judas Iskariot, de volgeling die Jezus verraden heeft. Hij wordt hier het zwaarst gestraft van alle zondaars in de Hel. Met zijn tanden verbrijzelt Lucifer de verrader van Jezus. Judas valt uiteen als met vlas in een vlasbraak gebeurt, schrijft de verteller. Zijn hoofd zit naar binnen, terwijl zijn benen buiten de mond van de duivel steken.

In de andere monden zitten 2 andere zondaar, Brutus en Cassius. Hun treft hetzelfde lot als Judas. Van deze 3 zondaars wordt de verrader van Jezus zeker het strengst gestraft, weet Vergilius aan de verteller mee te delen.

Lees de andere bijdragen van het Dante project

Gedichten rond Canto 34

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Literatuur
De hier gebruikte vertaling is van Albert Verwey uit 1923. Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.

Autobiografie Damschreeuwer

Sinds de dodenherdenking op de Dam in 2010 is hij bekend als de Damschreeuwer: Gennaro Pepe. In zijn autobiografie De Man & De Scheeuw vertelt hij over zijn leven. Hierbij maakt hij gebruik van zijn onbedoelde bekendheid. In aangeschoten toestand kwam hij die avond 5 minuten voor 20 uur uit de kroeg en vroeg zich af waar al die drukte voor was. Uit frustratie schreeuwde hij.
Van het beeld van de dakloze en treurige man die in de media over hem geschetst is, is in zijn autobiografie weinig te merken. Gennaro Pepes leven heeft meer van een schelmenroman zoals Jan Cremer heeft geschreven. De schelmenstreken zijn meer criminele gedragingen, compleet met het luxeleven dat daarbij hoort.

Niet veel zelfkritiek

Zijn autobiografie bevat niet veel zelfkritiek. Gennaro is meer vervult van zijn grootse daden in de cocaïnehandel en als pooier en bordeelhouder dan dat hij zijn leven kritisch onder de loep neemt. Dat gebrek aan zelfreflectie maakt dat hij erg pocherig en van zichzelf vervuld overkomt. Het woord spijt of zelfs de gedachte dat hij het misschien anders had moeten doen, niets van dat alles komt bij hem op. Zelfs als een Rabijn in de gevangenis bij hem komt, vraagt hij alles:

Achteraf gezien had ik natuurlijk gewoon mijn verstand moeten gebruiken en moeten zeggen dat ik tweehonderdvijftig miljoen euro wilde hebben. Daar had ik tenminste écht wat aan gehad. Dan had ik dit boek niet hoeven schrijven om aan geld te komen. Dan had ik een statig monumentaal grachtenpand kunnen kopen aan de de karakteristieke Amsterdamse Herengracht. En de rest van mijn leven iedere maand op vakantie gekund… Dan had ik namelijk alles kunnen kopen. (288)

De grap is dat hij vroeger alles kon kopen met zijn louche zaken, maar toen vooral lijntjes coke opsnoof. Het besef dat hij zijn leven anders had kunnen inrichten, lijkt niet in hem op te komen. Het draait nu vooral over een woede tegen anderen, waarbij hij zichzelf vooral buiten de wind houdt.

Schelmenverhaal

Ondanks dat, blijft het verhaal meeslepend en daagt uit om verder te lezen. Soms worden de hoofdstukken hinderlijk onderbroken door cursieve fragmenten waarbij hij iets loslaat over het schrijfproces. Niet zo interessant en eigenlijk best hinderlijk. Het onderbreekt het schelmenverhaal dat deze autobiografie is.

Genarro Pepe: De Man & De Schreeuw, Autobiografie Damschreeuwer. Soest: Uitgeverij Boekscout.nl, 2016. ISBN: 978 94 022 2448 1. 299 pagina’s. Prijs: € 19,95. Bestel

Botanische tuin van de VU

Bij mijn zwerftochten door de botanische tuin van de Vrije Universiteit in de pauzes, passeerde ik regelmatig de Tulpenboom. Ik dacht aan de liefde van Jan Wolkers voor deze bijzondere boom en vroeg mij af of hij de boom die hier tegen de waterkant groeide, kende.

In zijn roman De doodshoofdvlinder loopt de hoofdpersoon Paul door de botanische tuin die achter het academische ziekenhuis van de VU, het VUmc, staat. Hij loopt er even doorheen met Carla Middelheim, de vrouw waarmee hij een paar dagen eerder op de sterfdag van zijn vader, een aanrijding had. Ze ligt in het ziekenhuis omdat haar hele gezicht openligt.

Ze steken het bruggetje over achter het ziekenhuis. Deze komt vlak bij de Tulpenboom uit. De verteller merkt het niet op:

Toen ze over het houten bruggetje de botanische tuin inliepen kwam de zon helemaal uit de mist te voorschijn. Een zilveren schijf die ineens warm en stralend werd. Het glas van de kassen en platte bakken glinsterde en schitterde. De hele natuur lichtte onwerkelijk op. (189)

De botanische tuin die Jan Wolkers hier beschrijft, zal niet zo verwilderd zijn als de botanische tuin die ik ken. De hoge planten langs de waterkant en de kassen die verstopt liggen achter de struiken en het hoge riet. Ik genoot ervan tijdens mijn wandelingen in de pauze.

In die tijd werd de tuin met sluiting bedreigd. De voorzitter van de Raad van Bestuur van de VU vond het complex dat geen onderwijskundig doel meer had, overbodig. Dat het terrein zichzelf kon bedruipen, deed daar geen afbreuk aan. Net als de bijzondere collecties van cactussen en bonsaibomen. Een veredeld tuincentrum noemde hij het.

Na zijn vertrek, mocht de Botanische tuin van de VU ineens blijven bestaan. Bij mijn laatste bezoek aan de tuin, dit voorjaar, hing er een groot bord dat de botanische tuin tot 2030 blijft bestaan. Daarnaast werd de tuin onderworpen aan een grote opknapbeurt.

De grote tropische kas was helemaal overhoop gehaald. Het bassin met de waterschildpadden was leeg en buiten kon ik niet meer bij de plek waar eens de Tulpenboom stond. Net als het stuk waarin de Ginkgo stond, vreesde ik dat het ten prooi gevallen was aan de grijpgrage bouwkranen en graafmachines.

Jan Wolkers: De doodshoofdvlinder. Roman. Amsterdam: Uitgeverij De bezige bij, [1979]. 3e druk, 1999. ISBN: 90 234 3923 6. Prijs: € 10. 244 pagina’s. Bestel

Boeken zonder tekst? – #50books vraag 39

img_20160923_122857.jpgBoeken zijn niet alleen om te lezen. Soms staat er zelfs nauwelijks tekst in, dan heb je genoeg aan het beeld. Een ander soort boeken met weinig tekst: boeken met bladmuziek. Ik heb er een aardige stapel van.

Muziekboeken

Je kunt van die boeken ook genieten. Componisten als Bach lazen muziekboeken als een leesboek. Ze hoorden de muziek in hun hoofd terwijl ze lazen. Een andere manier van lezen, maar wel heel aangenaam om te doen. En ook heel goed bruikbaar in een tijd dat er nog geen geluidsdragers waren.

Plaatjesboeken

Ik heb een aantal prachtige plaatjesboeken in mijn bezit. Het is een genot om naar te kijken. Soms staat er tekst bij, maar het loont niet altijd deze tekst te lezen. Het is maar al te vaak een plaatje bij het praatje.

Atlas

Ook heb ik een paar atlassen waarin ik helemaal kan wegdromen over (spoor)wegen en andere stippellijnen. Ik weet dat Paul Haenen het heerlijk vindt om met een spoorboekje op schoot te zitten en te fantaseren bij de tijdtabellen van de verschillende treinen.

Dat brengt mij bij de boekenvraag voor vandaag:
Lees je weleens andere boeken dan boeken met tekst? En is dat dan nog lezen?

Ik ben weer heel nieuwsgierig naar de antwoorden. Ik hoop heel veel bijzondere boeken te zien die onleesbaar zijn.

Blog mee over #50boeken

Schrijf een blog over de vraag van vandaag en laat hieronder in de reactie een linkje naar je site staan. Heb je zelf een idee voor een vraag? Ze zijn van harte welkom. Mail gerust een vraag of stel hem in via het contactformulier.

#50books

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter in 2013. Martha nam het in 2014 over en in 2015 ging Peter zelf weer verder. Vanaf de eerste vraag doe ik regelmatig mee. Naar overzicht van alle vragen.

Boeken verkopen in Delden (2)

img_20160918_113349.jpgDe enorme massa boeken die voor ons uitgestald ligt in de kraam, is maar een klein deel van ons gigantische bezit. Ik weet ook wel dat het dweilen met de kraan open is, maar het is een mooi begin. Zeker ook omdat ik merk dat er best veel belangstelling is voor de boeken die we verkopen. Meer dan in Huizen een week eerder.

Nu zijn de bezoekers echt geïnteresseerd in de boeken die je hebt. Ze neuzen langer in de boeken en de stroom kijkers is veel groter dan een week eerder. Ik geniet van de aandacht en vind het heerlijk om te zien hoe sommige boeken een gelukkige koper vinden.

Zoals het boekje over vleesetende planten dat een jongen meeneemt. Hij is helemaal blij met zijn vondst. Nieuwsgierig hoe een plant er toch bij komt om vlees te gaan eten. Hoe het boekje in mijn bezit is gekomen, geen idee, maar het heeft nu een tevreden eigenaar gevonden. Daar doe je het toch voor.

De dag trekt zo aan je voorbij in een lange rij met kopers. Het geld druppelt binnen terwijl de boeken nieuwe gelukkige eigenaars hebben. Een meisje koopt 3 Kameleons. Voor haar neefje. Of een vrouw neemt Geert Maks In Europa mee. Net als dat een moeder voor haar eigenwijze tienerdochter het boekje Leer aquarel schilderen meeneemt. Ze wil het niet, maar haar moeder verwacht dat ze er morgen blij mee is.

img_20160918_134455.jpg

Onderwijl passeren 2 roodkapjes, Pinokkio met zijn baas Gepetto komt op zijn stelten voorbij en een imposante constructie rolt door de Langestraat om vast te komen zitten in de te laag hangend spandoek. Dat is genieten. Zeker ook omdat een close harmonykoor van mannen regelmatig zingt op de Markt, afgewisseld door een act van 2 mannen in een grote houten kist.

img_20160918_113357.jpg

Dat de zon lekker schijnt, maakt het alleen maar leuker. We genieten allemaal van deze dag in de laatste dagen van de zomer. Wat is dit heerlijk. Als de verkoop dan ook nog eens boven verwachting is, is het feest compleet. Zo zou elke boekenmarkt mogen zijn. Dat je je vermaakt en ook nog eens een mooie opbrengst hebt. Een dagje weg en nog geld verdienen aan de boeken die wegdoet ook!

De netto-opbrengst: 113 euro.

Strand Nulde en het geheugen – #fietsvakantie

img_20160812_122852.jpgDe borden langs de weg geven het aan: Strand Nulde. Een strand dat in mijn geheugen vermengd is het met het meisje. De lugubere vondst van haar lichaam en de maandenlange speurtocht.

Als wij er langsfietsen, is het nog niet echt strandweer. Het verkeer van de snelweg A28 raast op een steenworp afstand van het water. Het strand is verder nagenoeg leeg, op een enkele surfer na.

Doris volgt de bordjes en rijdt al onder de snelweg door in de richting van Putten. Als we even stoppen om wat te drinken, vertel ik het verhaal van het meisje. Het meisje van Nulde.

Reconstructie

Het grote raadsel wie zij was. Hoe vooraanstaande Britse fysiologe Caroline Wilkinson van de Manchester University een reconstructie maakte hoe het meisje eruit zou hebben gezien.

Hoe ze uiteindelijk door een juf werd herkent en het meisje een naam kreeg. Vooral hoe goed Wilkinson het onherkenbare meisje een gezicht hadden weten te geven dat wel heel erg dicht bij de werkelijkheid kwam.

Terwijl ik dit verhaal vertel, besef ik hoe snel dit aangrijpende verhaal uit het geheugen verdwijnt. Is deze gebeurtenis voor mij onlosmakelijk met dit strand verbonden, voor anderen is Strand Nulde een plek om je heerlijk te ontspannen.

Fietsvakantie

In augustus maakten Doris en ik een mooie fietstocht door Nederland met als bestemming: Twente. Elke week op vrijdag schrijf ik een stukje over deze bijzondere fietsrit.

Boeken verkopen in Delden (1)

img_20160918_134651.jpgHet mailtje vertelt dreigend dat je voor 11 uur het terrein op moet om je kraam in te richten. Ben je later, dan kom je er niet meer op. Meld je tijdig, dat voorkomt files, staat er in de zin achter. Wat is dat eigenlijk: tijdig melden?

We zijn iets over 9 uur vertrokken van huis. De snelweg belooft weer veel omleidingen. De doorgang naar de A1 is afgesloten, daarom rijden we via de A27 naar Twente. Het is de boekenmarkt in Delden. We hebben ons kort voor de vakantie voor deze markt opgegeven. Dit belooft wat te worden. Er is een heel cultureel straatfestival aan gekoppeld, met kunstkraampjes en straattheater.

Als we dan meer dan 1,5 uur later aankomen, zijn we keurig op tijd. Het valt allemaal weer mee. Zeker ook omdat we gewoon de Langestraat op kunnen rijden, niet gehinderd door geparkeerde auto’s. Op zoek naar ons kraamnummer 36. We vinden hem verderop, vlak voor de Markt, tussen 2 kramen in . Naast ons een aquarelschilderes en aan de andere kant een kraam met kettingen en kralen.

Ik pak snel de 9 bananendozen met inhoud uit en rijd de auto weg. Zo is er weer ruimte en kunnen we de kraam gaan inrichten. Bij het uitpakken is de eerste boekenkoper al aan de kraam. Hij kijkt aandachtig in de boeken die we uitpakken. Duidelijk op zoek naar een koopje. Hij staat iets verder op de boekenmarkt.

img_20160918_134446.jpg

Hij heeft snel een aardige stapel en we onderhandelen over de prijs. 60 euro zeg ik, maar ik blijk er best een beetje naast te zitten. Al rekent de buurman ook snel rijk, hij biedt 30 euro. Ik vraag 40, dan zak ik naar 35 en delen we de laatste zet: 32,50 euro.

Later komt hij ook nog terug. Kan het niet laten om het boek over architect Cuypers te halen. Mijn verleiding om als liefhebber van geschiedenis de laatste roman van Jan van Aken mee te nemen, weet hij te weerstaan. Helaas. Een mooi boek gaat aan hem voorbij.

Als de rest goed staat, is het tijd voor koffie. Het is net half 12. Over een halfuur gaat de markt officieel open. De eerste kopers, naast marktverkopers, komen tevoorschijn uit hun verzamelholen. Ze lopen gehaast langs de kramen. Een vlugge analyse. Straks tasten ze toe aan de dis vol boekengerechten.

De stroom bezoekers komt op gang. Ook begint het straattheater. Iets verderop de Langestraat in, zitten 2 vissers hoog op een constructie. Ze zijn helemaal in gele regenjas, gele laarzen, gele zuidwesters en geel geschminkt.

Ze hengelen boven de mensenmassa met kleine snoepwormpjes. Heel vermakelijk te zien hoe kinderen proberen de wormen te pakken, maar de wormen schieten steeds weg. Omgekeerd vissen, waarbij de kinderen veranderen in vissers en de vissers in aas.

Onze buurvrouw uit Utrecht verkoopt aquarellen met dorpsgezichten en soms iets abstractere met contouren van mensen. Best een aardig gezicht. We maken een praatje en vertellen over het project waaraan wij werken: we verkopen de spullen in ons huis want we gaan kleiner wonen.

img_20160918_125332.jpg

Lees zaterdag het 2e deel

Bevroren tranen: Divina Commedia: Hel: Canto 33

De graaf Ugolino neemt een hap uit het hoofd van aartsbisschop Ruggieri. Hij veegt meteen zijn mond af aan de haren van het hoofd waar het net zijn tanden heeft gezet. De schim vertelt aan Dante en zijn begeleider Vergilius wie hij is.
In de vorm van een droom met bijbehorende symbolen vertelt hij zijn geschiedenis. Hoe hij op een verschrikkelijke manier ten einde kwam dankzij de man waar hij net en stuk uit de schedel verslonden heeft. Hij zou als burgemeester zijn stad Pisa hebben verraden, maar daar denkt hij anders over.

De verteller lijkt hier wel de gulden middenweg te kiezen in zijn verhaal over deze bijzondere geschiedenis. Als lezer kom ik in de verleiding om de graaf als slachtoffer te betitelen. Helaas komt de aartbisschop niet aan het woord. Ugolino en zijn zonen zijn omgekomen aan de hongerdood in die toren, die sinds hun dood de naam Hongertoren draagt.

Verderop liggen andere zondaars. Ze liggen achterover, schrijft de verteller. Ook hier is het ondragelijke koud. De tranen van de zondaars bevriezen meteen. De verteller kan het niet laten hier een treffende vergelijking te maken:

Wij gingen verder, langs een plek die anderen
ook stijf ’t in ijs houdt vastgeklemd, maar nu
’t gezicht omhoog gewend, niet naar beneden.Zo stremt het huilen zelf de tranenvloed,
het wellen van ’t verdriet wordt door de ogen
gestuit en binnen stuwt de pijn zich op.Want de eerste stroom verstart zich tot obstakel
en dat kristal vormt zelf een soort vizier
dat tot de wenkbrauw heel de oogkas opvult. (vs 91 – 99, Brouwer)

De oogholtes zitten vol met bevroren tranen dat ze veranderen in brillenglazen. In gesprek met de zondaars hier verneemt Dante dat de duivel zo wreed is dat hij de gedaante aanneemt van levende wezens zoals Branca d’Oria. Een vlijmscherpe veroordeling. De ziel baadt al in de Cocytus, terwijl zijn lijf rond op aarde rondloopt.

Lees de andere bijdragen van het Dante project

Gedichten rond Canto 33

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Literatuur
De hier gebruikte vertaling is van Rob Brouwer uit 2000. Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.