Ultramarijn

image

Bij het horen van het project van Toef Jaeger om het leven
van Henk van Woerden te beschrijven, werd ik erg nieuwsgierig. Henk van Woerden is voor mij vooral bekend als de schrijver van Ultramarijn. Het is zijn laatste roman. Een heel sprookjesachtig verhaal waarin de Arabische wereld op een heel treffende manier wordt verwoord.

Ik was bij het lezen van dit boek zo getroffen dat ik het destijds niet aandurfde erover te schrijven. Later las ik het nog eens. Opnieuw was ik zo getroffen door dit totaal ‘on-Nederlandse’ boek.

Het valt helemaal uit de Nederlandse literatuur door zijn bijzondere onderwerp, getroffen beschrijvingen en indrukwekkende verhaalverloop. Een verhaal dat enerzijds heel exotisch is en aan de andere kant juist afstandelijk en abstract. Ik heb ervan genoten, maar kon er geen woorden voor vinden het te bespreken.

Bij het lezen van de biografie die Toef Jaeger schreef over Henk van Woerden, moest ik vaak terugdenken aan de bijzondere leeservaring die ik had met Ultramarijn. Het boek kwam erg on-Nederlands op mij over. Ik twijfelde lang waar het verhaal kon spelen. Ik dacht zelf aan Iran, Syrië of Cappadocië aan de kust van Turkije met de woningen in de rotsen.

Toef Jaeger verklapt een beetje de mystiek van waar het verhaal van Ultramarijn speelt. Ze verwijst naar Kreta. De periode dat Henk van Woerden op Kreta woonde, vormt volgens de biografe ongetwijfeld de inspiratie voor deze roman. Van mij mag ze het beweren. Ik denk liever niet over de plaats, maar voel meer voor de betoverende wereld die Henk van Woerden in Utramarijn beschrijft.

Toef Jaeger: Koning Eenoog, Een migrantenverhaal, Leven en werk van Henk van Woerden. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas Contact, 2015. ISBN: 978 90 450 2801 9. 318 pagina’s. Prijs: € 24,95.

Lees mijn bespreking op Litnet over Toef Jaegers biografie

Koning Eenoog

image

De titel van haar biografie over het leven van Henk van Woerden ontleent biografe Toef Jaeger uit een aantekening van de schrijver en kunstenaar. Van Woerden zoekt in 1988 met een camera zoals zijn vader had naar de plekken van zijn jeugd. Het project mislukt jammerlijk. Hetzelfde toestel gebruiken zorgt niet voor dezelfde blik:

Hij wijt de mislukking aan zijn glazen oog: hij mist diepte en perspectief en zet dat letterlijk om in het idee dat hij door dat gebrek een andere blik heeft dan zijn vader. Het accent moet verlegd worden en Henk besluit de rol die eenogigheid in de fotografie speelt te onderzoeken. ALs eenoog kijkt hij naar de wereld. ‘De mens als lens’ noemt hij deze aantekeningen waarin steekzinnen staan als: ‘het zien willen inrichten. Het eenduidige perspectief als door God gegeven (de duivel is wanorde) instrument voor zien.’ (180)

De zoektocht loopt dood, schrijft Toef Jaeger. Het schrijven geeft hem de diepte die hem zo ontbreekt bij het schilderen en fotograferen. Hij is bezig zichzelf uit te vinden en op basis van zijn dagboek de roman Moenie kyk nie.

Het dagboek is de weerslag van zijn reis door Zuid-Afrika in 1989. Hij komt aan twee maanden voor de vrijlating van Mandela en uiteindelijk de afschaffing van de apartheid. Bij het verwerken gebruikt Henk van Woerden weldegelijk foto’s. In de aantekeningen komt het oog naar voren om symbolisch in te zetten als:

het gebrek aan perspectief van de blanke gemeenschap in Zuid-Afrika. (208)

Ik betwijfel of het schrijven meer perspectief kan aanbrengen in het werk van Henk van Woerden. Het zoeken naar nieuwe uitingsvormen omdat oude vormen niet meer voldoen, hoeft niet verbonden te zijn met perspectief en diepte. Het is een andere kunstvorm en biedt daarmee de mogelijkheid zich op een andere manier te uiten.

Juist het eenogig perspectief biedt een andere vorm van presentatie die het werk van Henk van Woerden onderscheid van andere kunstenaars. Daarom kiest Toef Jaeger hier juist een eenzijdig beeld van de eenogige kunstenaar die het aan perspectief ontbreekt en daarom uitwijkt naar de literatuur.

Toef Jaeger: Koning Eenoog, Een migrantenverhaal, Leven en werk van Henk van Woerden. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas Contact, 2015. ISBN: 978 90 450 2801 9. 318 pagina’s. Prijs: € 24,95.

Lees ook mijn bespreking van Toef Jaegers biografie op Litnet

Twee motten

image

Zong Dorus over twee motten die zijn oude jas opvraten. Ik heb mijn eigen motten in mijn jasje: de teckels! Zeker ik draag mijn jasjes tot ze op de draad versleten zijn. In het wollen colbertje vielen de gaten letterlijk zodat ik ze aan de honden gaf. Zo konden ze er lekker op slapen in de bench.

Ze doen er meer mee dan slapen. Saartje vindt het heerlijk om op iets te knagen. Alle dekentjes waar Sientje op gelegen heeft en die er allemaal heel goed uitzagen, zijn zo verknaagd tot gatenkaas.

Het fleecedekentje met de teckel erop is zo voorzien van enkele grote gaten. Ze breidt zelfs haar activiteiten uit en knaagt geregeld op kleedjes, kussentjes en kleren waar ze helemaal niet op mag knagen.

image

Na het eten van de grote botten afgelopen week, was alles een beetje ontregeld. Zo’n groot hertenbot is wel heftig voor zulke klein hondjes. Ze dronken voor het slapengaan de halve drinkbak leeg waardoor ’s nachts de nood wel erg hoog werd.

De redding ontbrak. Teuntje liet het gaan, Saartje stond de volgende ochtend wel heel lang te wateren in het gras bij de gracht. Daarom hing ik de boel maar even te drogen in de tuin. Het colbertje kreeg een mooie plek over een stoel.

Overal zitten de gaten. Laatst was Inge druk in de weer geweest om een broek van Doris van gaten te voorzien voor de productie van de theaterschool. ‘Ik kan de volgende keer beter Saar vragen’, zei ze. ‘Dit jasje ziet eruit of een zwerver er al 3 jaar mee over straat loopt.’

image

Dorpsgek Luis

image

Naast de verteller Juanita en het hoofdpersonage Pepe, is er een heel boeiend ander personage in Ellen Heijmerikx roman En nooit was iets gelogen. Het is de dorpsgek Luis.

Een deel van definitie van dictatuur is dat een dictator niet alleen zijn critici en intellectuelen opsluit maar ook alle gekken achter slot en grendel stopt. Hij kan ze beide niet velen. Ze vormen het grootste gevaar voor zijn bewind. Ze zijn een te groot risico om hem te ontmaskeren.

Naast joden en zigeuners sloot Hitler ook gekken op. Ze vormden een te groot gevaar en stonden het volmaakte dat hij nastreefde in de weg. De dorpsgek Luis vervult in de roman van Ellen Heijermikx ook zo’n rol.

Luis is de enige die ooit voor Pepe een vader is geweest. Pepe imiteert hem bij zijn act voor het theatergezelschap. Juanita snapt daar als 16-jarige niks van.

Geen hond zou willen kijken naar dat gestamp op de vloerplanken, het zwiepen van die kop. En helemaal niet toen Pepe zich liet struikelen, als een gebrekkig mens op de vloer smakte en zijn rug liet schokken alsof hij thuishoorde in een gekkenhuis. Hoe kon hij zo’n mislukking spelen. (12)

Gekke Luis is een voorbeeld voor Pepe. Met geduld laat Luis hem zien dat hij veel meer is dan iemand die niet kan praten en spastische bewegingen maakt. Pepe ziet deze waarde in de jongen, maar hij kan hem niet uit het gekkenhuis houden.

Later zoekt Pepe Luis op. Luis krijgt nooit bezoek en Pepe vertelt de non dat de dorpsgek zich verstaanbaar kan maken als hij zingt.

De enorme hoeveelheid zakhorloges die Pepe verzamelt, zijn een ode aan Luis. Juanita kan ze niet wegdoen:

Een geschiedenis ruim je niet op, hoe aantrekkelijk het ook lijkt om ruimte te creëren. Laat anderen het maar doen. (242)

Zo geeft ze de dorpsgek Luis toch een beetje zijn plekje in haar huis.

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn derde bijdrage over En nooit was iets gelogen van Ellen Heijmerikx. We lezen dit boek bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nl. Lees de bijdragen van anderen in de reacties.

Ellen Heijmerikx: En nooit was iets gelogen. Roman. Met gedichten en liedjes van Jos Verstegen. Amsterdam: Nieuw Amsterdam Uitgevers, 2015. ISBN 987 90 468 1881 7. Prijs: € 19,95. 254 pagina’s.

Toyota

image

In het levensverhaal van haar overleden man Pepe, keert steeds zijn oude Toyota terug. Juanita heeft de auto van haar overleden echtgenoot te koop aangeboden en er dient zich steeds één koper aan. Hij doet een belachelijk laag bod op pagina 10, waarna hij haar geregeld opbelt of ze akkoord gaat.

De sjacheraar leeft helemaal mee met Juanita als ze zegt dat ze erover denkt het niet te doen:

‘Het is een prachtbod, neem dat maar van me aan. Ik ken uw man zaliger niet, maar hij zou het zeker overwegen.’
‘Geen idee. Misschien.’ Ik grijns. Pepe zou dat moeten horen, dat zaliger.
‘Ik weet het zeker.’ Weer dat gefluit. ‘Mijn vrouw zaliger kon ook zo besluiteloos zijn. Dan moest ik haar echt bijsturen.’
‘En nu wilt u mij bijsturen?’ Ik moet lachen.
‘Nee, nee. Zo moet u dat niet opvatten. Ik sta aan uw kant, en als ik dat zeg, dan meen ik dat ook.’ Hij gromt een mensaap met wijfjes. ‘Maar mijn vrouw was me er dankbaar voor, dat kan ik u zeggen.’ (63)

Dat de opkoper in tranen uitbarst, dan laat ze zich er niet door misleiden. Ze weet het nog niet of ze afstand wil doen van de auto. De Toyota van Pepe staat voor haar overleden echtgenoot en ze kan dat stukje nog niet loslaten.

Hij blijft haar lastigvallen, maar ze neemt niet op. Als haar auto bij het rijden een raar bijgeluidje maakt, wordt Juanita ongerust. Er zou toch niks aan de hand zijn met het autootje? Ze belt naar de oude monteur. Hij neemt op, maar hij zit in Zuid-Afrika naar de wilde dieren te kijken.

Als ze de auto alvast bij zijn huis zet, blijft hij daar staan. De monteur wil hem niet maken en wacht tot er slooponderdelen zijn. Ze wil niet wachten op het ’typische mannendingetje’ waar de monteur over spreekt en gaat naar de garage waar ze de Toyota vroeger gekocht hebben.

Daar laat ze hem reperaren en besluit de auto te houden. Ze maakt zo haar eigen keuze. Daarmee staat de Toyota symbool voor het verwerken van het verlies van haar man. Ze houdt hem in herinnering, maar kiest wel haar eigen richting. Ze doet de dingen niet zoals hij ze zou doen, maar maakt haar eigen keuze.

Alleen zo kan ze de as van haar echtgenoot in zijn eigen auto meenemen en uitstrooien over de Spaanse aarde.

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn tweede bijdrage over En nooit was iets gelogen van Ellen Heijmerikx. We lezen dit boek bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nl. Lees de bijdragen van anderen in de reacties.

Ellen Heijmerikx: En nooit was iets gelogen. Roman. Met gedichten en liedjes van Jos Verstegen. Amsterdam: Nieuw Amsterdam Uitgevers, 2015. ISBN 987 90 468 1881 7. Prijs: € 19,95. 254 pagina’s.

Wolken en copla’s

image

In de roman En nooit was iets gelogen van Ellen Heijmerikx wisselt de verteller het verhaal van haar overleden man Pepe af met zijn gedichten. De gedichten en liedjes zijn geschreven door Jos Verstegen en vullen het verhaal heel mooi aan. Ze passen in het verhaal van Pepe die copla’s schrijft. Copla’s zijn vierregelige Spaanse verzen.

Pepe vertelt in de roman van Ellen Heijmerikx zijn levensverhaal aan zijn vrouw Juanita. Hij heeft haar nog niet alles verteld. Deels uit schaamte, deels uit angst haar te verliezen. Het is een mooi verhaal over de belevenissen van een kind in het Spanje van voor, tijdens en na de burgeroorlog.

Pepe werd als als kind bevangen door copla’s. Hij hoorde ze op de markt. Tussen de snoepkraampjes verkocht een man met één hand deze volksverzen. De kleine Pepe had geen stuivers om aan de man te geven voor een gedicht die rijmde zodat je hem beter kon onthouden. Zodoende schreef hij zijn eerste copla’s zelf.

De eerste ging over honger, spoedig gevolgd door een vers over de wolken. Het is een copla waarin de honger gecombineerd wordt met het zicht op de hemel:

De hemel is een taartenwinkel, kijk,
ze drijven naar je toe, de roomkastelen
met zonlichtsaus, en niemand vraagt om geld.
Wie zou nog brood of witte bonen stelen?
(23)

In het klooster verandert de thematiek. Hij schrijft zijn gedichten over het klooster en de vorm van de gedichten wordt ook anders. De wolken komen heel mooi terug in het vers als zijn moeder hem ophaalt bij het klooster. Hij is door de overste weggestuurd.

Er was een man die wolken at.
Je kreeg een bordje en je mocht
twee plakken van een nevel snijden.
Hij goot er zonlicht overheen.
(148)

Het vers heeft mooie beeldspraak. Het voert je mee in de metaforen van de wolken en het eten. Hier geeft het lyrisch ik echt rake typeringen. De dichter Pepe schrijft mooie verzen. Iets wat de artsen ook zien in het ziekenhuis, maar ze mogen ze niet lezen. Hij schaamt zich voor zijn gedichten die hij in zijn hart altijd copla’s is blijven noemen.

Ellen Heijmerikx combineert de verzen van Jos Verstegen heel mooi in haar roman En nooit was iets gelogen. Het geeft de hoofdpersoon Pepe een gezicht. De poëzie vind ik stiekem mooier dan het verhaal. De gedichten bevatten namelijk wat het verhaal mist: ze bezitten een mooi doorleefd gevoel en een prachtige verbeelding.

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn bijdrage over En nooit was iets gelogen van Ellen Heijmerikx. We lezen dit boek bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nl. Lees de bijdragen van anderen in de reacties.

Ellen Heijmerikx: En nooit was iets gelogen. Roman. Met gedichten en liedjes van Jos Verstegen. Amsterdam: Nieuw Amsterdam Uitgevers, 2015. ISBN 987 90 468 1881 7. Prijs: € 19,95. 254 pagina’s.

Vakantieboeken – Wat moet je meenemen?

image

Buiten het feit dat ik nog helemaal niet (mijn) vakantie bezig ben en ik mij afvraag of ik in de vakantie meer lees dan daarbuiten. De vraag wat ik ga lezen in mijn vakantie is daarmee veel meer een vraag waar ik op dat moment zin in heb.

De dikke boeken waar veel mensen mee op de proppen komen, passen vaak helemaal niet in een vakantie. Je moet tot rust komen. Een dik boek suggereert dat je de rust al hebt, maar je gaat juist op vakantie om de rust te vinden. Teruggaan met een halfgelezen dik boek werkt daarom alleen maar op de zenuwen.

Ik zou adviseren ook wat dunnere exemplaren mee te nemen. Al zal het digitale leesboek de mogelijkheid geven op pad te gaan met een halve bibliotheek. Zo verdwijnt de selectie vooraf, maar bestaat ook het gevaar dat je tijdens je vakantie geen keuze kunt maken. Het e-book geeft een heel andere leeshouding. Eentje waaraan ik mij nog niet durf over te geven.

Daarom kan het geen kwaad een boek uit te kiezen dat je in een dagje of 2 à 3 uit kunt hebben. Ook kan het helpen een boek mee te nemen dat je al een keer gelezen hebt en dat je nog op je verlanglijstje hebt staan.

Neem ook wat mee dat aansluit bij de vakantiebestemming en vergeet niet een dichtbundeltje mee te nemen. Een dichtbundeltje is als een doosje bonbons. Je neemt er af en toe eentje en geniet daarvan.

Op mijn verlanglijstje voor deze zomer staat nog een boek van Paul Theroux. Ik lees van hem een paar boeken per jaar. Zo verover ik langzaam zijn hele oeuvre. Ik zou het misschien allemaal in één keer willen lezen, maar ik wil er juist van genieten.

Ook heb ik het voornemen eens een boek van Jacob van Lennep te gaan lezen. De historische roman Ferdinand Huyck vertelt over het Gooi. Een gevaarlijk stukje om te reizen in de 18e eeuw, de tijd waarin deze historische roman speelt. In die tijd zaten in het Gooi gevaarlijke bendes die reizigers beroofden.

Als ik dan nog wat tijd over heb, ga ik heerlijk een reisboek (her)lezen, een boek van Jack Kerouac voor de energie, een paar mooie essays van Gerrit Komrij en een dikke pil van André Brink. Ik ben erg nieuwsgierig naar zijn memoires Tweesprong. Er ligt dus genoeg in het bakje voornemens.

Benieuwd naar wat ik daadwerkelijk lees. Het zal wel weer wat anders zijn. Want nogmaals, het zijn plannen om boeken te lezen en die wisselen voortdurend.

#50books

Dit is het antwoord op vraag  24 van het blogproject #50books. #50books is een initiatief van Peter Pellenaars. Na Martha Pelkman in 2014 heeft Peter het in 2015 weer overgenomen. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject.

Fantasy of literatuur?

image

De verschillende literaire genres lijken steeds meer in elkaar over te gaan. Bij het lezen van Andrus Kivirähks roman De man die de taal van de slangen sprak vroeg ik mij af of het niet Fantasy was dat ik aan het lezen was. De sprookjesachtige elementen, de pratende dieren, reuzenvissen en oerkikker. Het zijn allemaal elementen die in een Fantasy-verhaal voorkomen en niet in een literaire roman.

Al is het natuurlijk best onzin zo’n onderscheid te maken in hogere en lagere literatuur. Wagner spreekt in zijn opera’s ook over draken en goden. Naar de jaarlijks uitvoering van De Ring des Nibelungen in het festivaltheater van Richard Wagner in Bayreuth komen niet de geringste. Het verschil tussen hogere en lagere literatuur is daarom lastig te maken.

Jan van Aken verklapte eens bij een interview in de Deventer boekwinkel dat hij lange tijd schrijver van Fantasyboeken wilde worden. Hij vond de literatuur niet iets voor hem. Daar beleefde hij te weinig lol aan. Dat hij toch is gaan schrijven, kwam omdat de concurrentie in de schrijfwereld van de Fantasy moordend is. De literatuur bood hem meer kansen. In de literatuur kon hij zich sterker onderscheiden van anderen, stelde hij.

Dat de Fantasy zijn werk sterk beïnvloed staat buiten kijf. Hij bedient zich in de historische verhalen van dezelfde epiek waar de fantasy zo beroemd door is geworden. De kloeke verhalen lezen als jongensboeken. De heldendaden van de personages zijn onovertroffen. Ze vechten misschien niet tegen draken, de tegenstanders zijn sterk en toch weten ze zich te handhaven.

Het sterkst in de boeken van Jan van Aken staan de vertellers. Zij weten het verhaal tot proporties op te blazen met hun fantasie. De gaten in het geheugen vullen ze op met nieuwe verhalen. Nog sterker dan de eerdere verhalen. Het maakt de boeken van Jan van Aken tot heuse belevenissen. Misschien nog een overeenkomst: je beleeft de verhalen, net als in Fantasy.

Datzelfde gevoel had ik bij het lezen van De man die de taal van de slangen sprak. Ook bij Andrus Kivirähk wordt de held omgeven door dronkenlappen en weet de verteller Leemet zichzelf ook mooi vrij te pleiten in het verhaal. Hij neemt zijn lezer helemaal mee in zijn belevenissen. Het verhaal ontstijgt zo de roman en wordt bijna episch. Iets waar Jan van Aken ook zo goed in is en wat ik Fantasy noem.

Andrus Kivirähk: De man die de taal van de slangen sprak. Roman. Oorspronkelijke titel: Mees, kes teadis ussisõni. Vertaald uit het Est door Jesse Niemeijer. Amsterdam: Uitgeverij Prometheus, 2015. ISBN: 978 90 446 2630 8. 384 pagina’s. Prijs: € 19,90.

Drijfzand

image

De bouwwerken verrijzen steeds duidelijker langs de snelweg. Nieuwe viaducten om de trits aan auto’s straks op te kunnen vangen vorderen gestaag. Het duurt niet lang voordat de eerste auto over de eerste nieuwe bouwwerken zal kunnen rijden.

Als ik onder het viaduct door rijd waar ik zojuist voerheen gereden ben, zie ik hoe het zand is meegesleurd door het water. In de zandheuvel is een dikke sleuf gegroeid waar het water een weg zocht naar beneden.

image

Ik stap op het zand en voel mijn voet wegzakken. Het vocht is nog lang niet weggetrokken en heeft er drijfzand van gemaakt. Wat verderop heeft het water heel mooi het zand veranderd in een vlekkenlandschap.

De weg is een lange tunnel geworden, omhelst door het beton van het viaduct over de weg heen. De grauwe massa maakt het tot een uitzichtloos hol waar de natuur ver te zoeken is.

image

Dan is het mooi om te zien dat het dalende water even een klein gebaar gaf, wie de sterkste is. Al weet ik dat de zandzakken vervangen zullen worden en het zand steen is geworden.

image

Schaapjes fotograferen

image

De schaapjes staan heel schattig op de oude Zuiderzeedijk te grazen. Ik ben net overgestoken en kijk ze recht aan. Als ik ze passeer bedenk ik dat dit beeld te leuk is om te laten schieten.

Achter mij rijdt een vrouw in een witte rok. De stof waait mee op de wind. Ze glimlacht als ze mij ziet stoppen. Ze rijdt langs en stopt iets verderop, stapt van haar fiets af en haalt haar mobieltje uit haar tas.

image

Ze neemt iets meer de tijd voor de schaapjes dan ik. Het lammetje staat precies achter zijn moeder. Het andere schaap begint luid te blaten. Aan de andere kant van het weiland blaten twee lammetjes terug. De twee zetten zich in beweging en rennen mijn kant uit.

De vrouw bij het hek, legt het beeld vast op haar mobieltje. Het ziet er heel schattig uit. Ze huppelen half over het weiland. De graspollen schieten door de lucht en ze komen aan bij de ooi. De koppies duiken omlaag en beuken woest in de uier.

image

Ik vind het mooi geweest en stap weer op. De vrouw blijft geduldig staan. Voor haar verzamelen steeds meer schapen. Ze lijken oprecht geïnteresseerd in de vrouw. Haar rok wappert als een vaandel in hun richting. Blijkbaar levert dat genoeg vertier voor de beesten op.

Het mobieltje van de vrouw klikt onophoudelijk. Ze maakt de ene kiek na de andere. Een paar passanten kijken van haar naar de schapen. Hun gezicht slaat meteen om in een versmeltende houding. De schapen met hun lammetjes doen het altijd goed. Zeker op zo’n voorjaarsdag die zich bijna gedraagt alsof het een zomerdag is.

image