Varkensgeluk

Ze zijn dan ouder, ze drentelen nog altijd om mij heen. Vandaag mochten we even naar buiten en daar liep de menigte al onder mij door. Sabbelend aan mijn tepels. Ik kan geen stap verzetten of daar zijn ze. Ik onderga het allemaal gelaten. Het hoort erbij. Dat weet ik.

Het roept vertedering op. De aanblik van het kleine grut. Niet elk varken heeft 6 van die schavuiten om zich heen ravotten. Ze rennen voor je uit, om je heen en onder je door. Zo op die korte pootjes lijkt het nog sneller te gaan dan het eigenlijk gaat. Ik laat me er niet door afleiden en trek mijn eigen plan.

Soms dwaalt er eentje af. Daar kan ik niet tegen. Dan knor ik net zo lang tot ze weer mijn richting uitlopen. Een hoge knor van ver is voor mij niet genoeg. Ze moeten echt komen. En anders dan word ik kwaad. Dat weten ze ook.

Als ik dan zo genoegzaam in het gras dwaal met mijn neus. Af en toe iets eetbaars omhoog trek uit het hoge gras. En lekker rond mij knor. Dan merk ik dat ik ergens geniet van het moederschap. De aandacht, de aaien en het geknabbel aan mijn tepels. Als de zomer mij nog trakteert op een extra zonnestraal op mijn rug. Dan voel ik mij best gelukkig.

Zomerfestival op De Kemphaan

Theater Potdoosie met Ajasses op zomerfestival 2012 De kemphaan

Het begint traditie te worden, het zomerfestival op De Kemphaan. In de laatste week van de zomervakantie krijgen kinderen de mogelijkheid een hele middag theater te zien. In 3 verschillende caravans kunnen kinderen tussen 4 en 13 jaar voorstellingen zien. De onderwerpen van dit jaar: vies en nachtdromen.

Onder leiding van De kunstlinie konden jeugdige deelnemers bouwen aan het skelet van een dinosaurus.

Voor de viezerikken was er ‘Nel de plee-del’ en ‘Ajasses!’. Bij het laatste konden ook de ouders genieten van het toneelstuk op de puinhopen van de vuilnisbelt. Het decor stond buiten opgesteld. Het was een grappige voorstelling van theater Potdoosie. Een tante woont op de vuilnisbelt en krijgt bezoek van haar nichtje. Het nichtje vindt, proper als ze is, alles maar een vieze bedoening.

Wachten bij de theaterwagen voor de volgende voorstelling op het Zomerfestival van de Kemphaan

De andere 2 voorstellingen waren in de theaterwagens te zien. Het was aanmerkelijk drukker dan vorig jaar. Daarom bezocht Doris alleen de voorstellingen. Wij zaten buiten op een bankje te lezen en genoten van de zomerzon.

Samen bakken we het broodje bruin aan einde van Zomerfestival De Kemphaan

We sloten af met het bruinbakken van broodjes boven het kampvuur. Ook hier grote drukte. Maar met even wachten was er snel een stok vrij om een broodje aan te rijgen. Een mooie afsluiting van een van de laatste dagen van de zomervakantie.

Broodjes bruinen boven het kampvuur

Te jong

image
Ben ik te jong voor deze boeken?

Het metalen hek met de geronde buizen, het gaaswerk erin en het grindpad deden mij aan vroeger denken. De steentjes kraakten onder mijn schoenen. De kleinste kropen in de zool.

Alles zat potdicht. Geen scheutje licht kon in het huis binnendringen door de dikke vitrage. De bel gaf zo mooi terug en rinkelde daarbij fel. Ik tuurde door het ruitje in de deur. Het glas vervormde bollig alles. Ik zag schaduwen bewegen. Verder niks.

Ik wachtte. Er klonk beweging achter de deur. Rommelen. De schaduwen liepen weg. een kast ging open en dicht. De deur naar het halletje ging open. Het licht bereikte het gangetje. De gestalte stond nu bij de deur. Ze morrelde aan het slot en de deur opende zich.

In haar hand hield ze de 2 boeken: Over F.B. Hotz en Over Gerrit Komrij.  Ze wilde er eigenlijk teveel voor hebben maar omdat ik in de buurt was, haalde ik ze maar op. Ik stelde me voor, als ‘de jongen van marktplaats.’ Ze keek me verbaasd aan: ‘Bent u niet een beetje te jong voor deze boeken?’

Ik keek met dezelfde verbazing terug. ‘Ik bedoel, ik had u veel ouder verwacht. Dit soort boeken lezen mensen van mijn leeftijd. Wij vonden dit vroeger mooi.’ Een kluw stuivers, dubbeltjes en 50 cent-munten duwde ik in haar hand. ‘Het klopt’, zei ik erbij.

Ik hield de boeken in mijn hand vast. Trots en verontwaardigd tegelijk. De deur ging dicht terwijl ik het stalen hek opende. De sleutel draaide het slot dicht. Ik liep naar de auto. De handel was verricht.

Stenen voor moes

Weer een middag aan het sjouwen met stenen

Ik verleg weer wat stenen om een moestuin te vormen. De handen wroeten in het zwarte zand. Af en toe wolkt er een geel stuk zand doorheen. De grond hardgestampt door de regenbuien van het afgelopen weekend. Ik worstel door de stenen, sla op het juiste moment en probeer de stenen die verspreid in het zand liggen weg te halen.

De handschoenen schieten door. Mijn wijsvinger komt uit de dikke gele stof. Het werk is niet alleen voor mij zwaar. Zeker de enorme tegels zijn lastig te hanteren. Ik weet dat als ik erop sla de ligging weinig veranderd. Alleen het risico bestaat dat de steen doormidden jast. Daarom houd ik me rustig met de grote tegels en leg ze in een keer neer. Zo blijft alles enigszins heel.

Bovenaanzicht van de moestuin

Het tweede vierkant verschijnt, een nieuwe vierkante meter voor de vierkantemeter tuin. Een stadstuintje verandert in een vruchtbare akker. Al is er nog veel fantasie voor nodig. Eerst is het nog hard werken en ik vraag mij af waar de vruchtbare aarde vandaan moet komen. We zijn er nog niet. Nog lang niet.

Linnaeushof

image

Zo’n vader met dochter die je de hele dag ziet. Hij draagt een afgeknipte spijkerbroek. Het stekeltjeshaar wijst al een paar centimeter omhoog, klaar om te gaan vallen. Maar de haargel houdt het nog in bedwang.

Hij stapt voor mij in de monorail waarin ik alleen stap. Doris heeft nog geen zin. Ze wil zich heel graag in de toren omhoog trekken en dan lekker laten zakken. En natuurlijk ook van de glijbaan.

Voor ons uit loopt de vader met zijn dochter. Ze draagt een shirt met horizontale strepen in wit en paars. Een groepje Marokkaanse kinderen gaat op de stoeltjes zitten. Afwisselend een vrouw met een kind. De hoofddoekjes klemmen donker langs de wangen. De donkere gewaden wapperen in de wind als ze naar beneden zakken. De dikste vrouw blijft langs de kant staan met een jongetje dat niet durft.

Bij de midgetgolf loopt de vader alweer. Nu een baan voor ons uit. Ik schiet het balletje door het gat midden in de baan. Daarna schiet ik het in één keer in de hole. Zijn dochter kijkt met aandacht haar bal achterna. De vader tikt op zijn mobieltje voor de foto. Ze staat erop.

Bij het restaurant schuiven ze een paar stoelen verderop aan. Hij zit achter een kopje koffie. Zij voor poffertjes met chocomel. In het waterparadijs staat hij weer. Dit keer aan de rand van het zwembad. Haar shirtje hangt over zijn arm. Het mobieltje weer in de aanslag. Als de grote emmer water boven de glijbaan omvalt grijpt hij het beeld vast. Hij klikt op zijn mobieltje. Hij kijkt trots. Ze staat er weer op.

Een moeder ligt in haar bikini op de zonneweide. Ze ligt relaxt op haar zij en bladert in de Story. Haar zonnebril schuift ze omhoog in haar haren. Zo ziet ze het nieuws niet meer gekleurd. Haar oorbellen tikken tegen haar wangen. Het treintje rijdt voorbij langs de coniferenhaag.

In het achterste wagonnetje zit de Marokkaanse familie. De vader met de donkere ringbaard kijkt nors om zich heen. Op het gezicht van de dikke vrouw is een glimlach. De vader pakt zijn bootschoentjes op, waadt door het water en wenkt naar zijn dochter. Tijd om naar huis te gaan. Voor ons uit loopt hij de speeltuin uit.

Beschermfolie touchscreen

Met beschermfolie voor je touchscreen bescherm je een smartphone tegen krassen.

Ik keek al een paar dagen langs de 2 dutsen op het touchscreen van mijn mobieltje. Puntig wezen ze beide omhoog. De schade aan mijn telefoon kwam omdat hij precies met het scherm naar beneden viel. Pats in het grind bij het kunstwerk van Daniël Libeskind.

Ik keek snel naar de schade. Het leek beperkt te zijn tot het beschermfolie dat voor mijn scherm geplakt zit. Het had zijn dienst bewezen, maar was nu onbruikbaar. Het beperkte vooral het lezen op het scherm. Ook kon je op de plekjes waar de dutsen zaten niet goed het scherm aanraken.

Op de markt in Hilversum kocht ik daarom nieuwe beschermfolie. De marktkoopman vroeg er 2 euro voor. De vorige kwam er nogal gebobbeld op. Grote luchtbellen bleven onder de folie zitten. Dit keer maakte Inge het scherm helemaal schoon. Daarna drukte ze de folie op het touchscreen.

Ineens verscheen mij een spekglad scherm. Nog nooit zag ik alles zo helder op mijn mobieltje. De vingers zwierden over het touchscreen als een schaatser over het ijs. Alles was mooier. Zelfs de kras op het scherm was verdwenen. Mijn telefoon voelde als herboren.

Een dag later mocht ik ook een beschermfolie voor Inges telefoon halen. De marktkoopman in Almere vroeg er 3 euro voor. Ik betaalde het.

Tulpenboom in Leidse Hortus

tulpenboom hortus botanicus leiden
Onder de Tulpenboom van de Hortus Botanicus in Leiden

De Tulpenboom in de Hortus Botanicus in Leiden is volgens Jan Wolkers door Boerhaave gepland. Het komt van dezelfde stek als de Tulpenboom bij Poelgeest. Daarmee is hij een beetje familie van de boom die in Wolkers’ achtertuin staat.

De Tulpenboom heeft grote bladeren
De Tulpenboom met de grote gezichtsbedekkende bladeren

Al de jaren dat ik in Leiden woonde en de hortus bezocht om te gaan studeren, liep ik er straal langs. Een tas vol boeken en een hoofd vol begeerte, was voldoende om de boom helemaal niet op te merken. Laat staan te weten te komen wat ik er nu van weet.

De Tulpenboom of Liriodendron Tulipiferia van de Leidse hortus staat pal tegen de ingang. De immense boom drukt zelfs tegen het academiegebouw aan. Toen we binnenliepen riep Inge. ‘Dus jij wil zo’n boom in de tuin hebben.’ ‘Maar deze staat hier al bijna 300 jaar’, riep ik als tegenargument. Bovendien had ze de grote Ginkgo Biloba van de hortus nog niet gezien. Die is nog wel een beetje hoger.

Na de heerlijke wandeling en de lunch door de Hortus, liepen we weer terug naar de ingang. Natuurlijk moest ik even op de foto met de door Wolkers geliefde boom. Inmiddels is de boom ook een geliefde voor mij geworden. Zeker zo’n prachtige monumentale boom als deze in de Hortus van Leiden.

lijkt stam tulpenboom op een olifantenpoot of niet?
De stam van de Tulpenboom heeft inderdaad iets weg van een olifantenpoot

Van een afstandje hebben we nog eens goed naar de stam van deze (bijna) 3 eeuwen oude boom gekeken. Inderdaad gaat de vergelijking die Edgar Allen Poe maakt in de ‘Gold-Bug’ op. De stam van de tulpenboom heeft veel weg van een grote olifantenpoot. En voor de door Jan Wolkers gemeende kattengezichtjes in de bladeren is ook veel te voelen.

Inspiratie voor moestuin

groenten groeien in Leidse hortus botanicus
Groenten in de Hortus Botanicus van Leiden

In de Hortus Botanicus van Leiden troffen we een heuse moestuin aan. Het ging om een project waarbij je groenten ziet groeien die dagelijks op je bord liggen. De meesten kennen ze alleen van het supermarktschap kennen. We vonden de groenten vlakbij de plek waar we onze broodjes aten.

De vreugde van Doris over de groenten die ze zag groeien, maakte mij weer enthousiast verder te gaan met de moestuin naast ons huis. Daarom heb ik vanmiddag een paar uurtjes besteed aan het uitzetten van de paden. Eerst schoffelde ik wat onkruid weg. Als je regelmatig schoffelt dan valt de groei van onkruid best mee.

Het lijkt vooralsnog dat de wortels in de grond zich redelijk koest houden. Ik trek er altijd weer een paar uit, maar het is ondoenlijk alle stronken uit de grond te halen. Net als de tegels die in de grond zitten. De vorige bewoners hebben de nieuwe betegeling over de oude gelegd. Nu kom ik regelmatig een oude tegel tegen die ik uit de grond haal. Het is zo lastig een tegelpad aan te leggen.

Eerste vierkante meter voor de moestuin aangelegd

De eerste bak staat klaar. Een heel karwei, maar ik ben supertrots. Binnenkort zal ik de tweede maken. We moeten nog geschikte grond zien te vinden voor in de bakken die ongeveer een vierkante meter groot zijn geworden.

Achterste fiets

waar is de fietsstalling gebleven in Leiden?
Een overdaad aan fietsen in Leiden

‘Waar staat hij dan?’ vroeg de jongen aan het meisje. ‘Daar.’ Ze wees naar de fiets die achteraan stond, tegen het hek. Onder de brug zoemde de motor van een bootje. De eerste fiets trok ze weg. ‘O wacht’, zei hij.

Het was te laat. ‘Welke is het dan?’ vroeg hij. ‘De achterste.’ ‘Ik wilde die voor je pakken door er overheen te klimmen’, zei hij onhandig. Het was onmogelijk de fiets zo uit de rij te halen.

Ik dacht terug aan het stationsplein bij Agrigento. De auto’s stonden tegen elkaar gedrukt. Niemand kon daar bij. Als je daar als eerste ’s morgens vertrekt, moet je als laatste ’s avonds terugkomen. Anders moet je lang wachten tot je auto bereikbaar is. Dat concludeerde ik op basis van de enorme massa auto’s, die tegen elkaar gedrukt stonden.

Pas later hoorde ik hoe het werkte. Er lopen daar jongens rond die als baantje de auto’s voor je wegzetten en ophalen. De regel: de auto van de handrem en de deur openlaten. Zo halen ze jouw voertuig uit de massa. Als je als eerste gekomen bent, kun je ’s avonds ook als eerste vertrekken.

De jongen boog zich over de fietsen en probeerde haar fiets los te sjorren. Het lukte niet. Ze had de derde fiets al in haar hand en schoof door naar de volgende fiets. Zo kreeg ze hem te pakken. Het mandje aan het stuur schudde er een beetje van. Het hek stond weer vrij. De fietsen die ze had losgemaakt, kwamen weer een eindje verder op het voetpad.

De jongen liep met ze op, sprong over een paar fietsen heen en haalde zijn exemplaar zo los. Het stalen ros hees hij zo de lucht in en hijskraande hem zo over de fietsen heen. ‘Dat bedoel ik’, zei hij tegen het meisje. Ze bloosde. Hij kon zo aan de slag hier. Als fietsjongen.

Kunst begrijpen

image
Verstoppertje spelen in Daniël Libeskinds Polderland Garden of Love and Fire

Kinderen begrijpen kunst sneller dan volwassenen. Ik ontdekte dat bij een bezoek aan het kunstwerk Polderland Garden of Love and Fire van Daniël Liebeskind. Ik had het nog niet eerder bezocht. Bij een fietsritje door de polder kwamen wij er terecht.

Het meest in het oog springende gedeelte zijn de rechtop staande aluminium platen. Ze liggen midden in het steengruis. Geen plaat staat hetzelfde. Het doolhof sprak gelijk tot de verbeelfing bij Doris. Ze verstopte zich in een hoekje. Precies het idee van het kunstwerk: het doolhof verwijst naar de grilligheid van het leven.

image

Een kind hoef je dat niet uit te leggen. Die ervaart het gewoon zoals het is. Ook sprak ze geen oordeel uit. Ze aanvaardde het zoals het er stond en wist het snel in haar spel te integreren.

We maken het ook wel veel te moeilijk. We willen gelijk weten waarom iets is zoals het is. Wat de kunstenaar ermee bedoeld heeft. En wat de gedachte achter het kunstwerk is. Zo verdwijn je in een talig gewouwel zonder er zelf betekenis aan te geven.

image

Het laten gebeuren en zelf op je in laten werken geeft veel voldoening. Dat merkte ik aan Doris. Het is een kunstbeleving in hoogste vorm: als een avontuur waarbij je zelf alle betekenis mag invullen.