In de kreukels en total loss

image

Zij kwam van rechts en hij van links. Het was een tikje. Maar genoeg om de auto in de kreukels te krijgen. De hele zijkant is aan gort: knipperlicht, bumper en zijscherm. Ons autootje is niet de jongste meer. Hij stamt uit 1994.

Genoeg om niets meer waard te zijn voor de verzekering. Dat betekent niet dat hij voor ons niks waard is. Hij rijdt ons overal naartoe en hij heeft ons nog nooit in de steek gelaten. Behalve op een ochtend dat het vroor en de accu het beu was. Maar dat was 8 jaar geleden.

Eerst de schrik van de tik, daarna de schade opnemen. De personen zijn ongedeerd. Dus dat is mooi. Vandaag mocht ik het ding naar de garage rijden. Hij rijdt. De motor is perfect en hij rijdt nog geweldig. Alleen is daar die deuk waarmee de garagehouder hem direct total loss verklaarde.

De consequenties kunnen heel dramatisch uitpakken. Het kan het einde betekenen van onze auto. Terwijl het ding niks mankeert. Alleen die deuk. Alsof je iemand die zijn been breekt dood verklaart. Alleen de begrafeniskosten worden vergoed. Zo werken verzekeringen.

Dat ik een andere afschrijving op mijn auto heb – tot hij niet meer rijdt en dat kan hij nog wel zo’n 100.000 kilometer – boeit een verzekeraar niet. Zijn afschrijving telt. Ook dat jij geen schuld hebt, boeit niet. De tegenpartij heeft geluk. Of beter gezegd: de verzekering van de tegenpartij heeft geluk. Want ook de auto van de aanrijder zit in de kreukels.

Maandag komt de expert. Tot die tijd drijven we op het schip der wanhoop…

2 comments on “In de kreukels en total loss

  1. HanzChristian

    Oud liedje

    Vergeefs zoek je in de in de ingewikkelde taal van de polis naar het begrip emotionele waarde. De grootse en uitgebreide organisatie die de verzekeraar is herbergt toch op z’n minst wel 1 persoon die begrijpt dat je grootste familiestuk ook gevoelswaarde heeft, denk je dan? Kom op nou! Ergens in zo’n groot gebouw moet er een mens zitten die jouw schadegeval uit het vakje ‘binnengekomen’ vist en denkt: hoe zouden die mensen zich voelen?
    Het dierbare oudje heeft haar kilometers er al ruimschoots opzitten, maar is nog steeds economisch actief. Het binnenwerk kan nog niet geheel door de torren zijn aangevreten, anders reden ze er toch niet mee? En is het oudje niet nog 1 keer een nieuw knipperlicht waard? Wat kost zo’n plastic plaatje plaatje nou. De vergelijking met je oude oma die ergens op weg naar het buurwinkelcentrum haar gebit verloren is doemt op. Is dat het moment dat je het uitvaartcentrum belt? Nee toch! Dat zijn toch scheve verhoudingen? Wantoestanden!

    Meer en meer dankbare gebruikers van de automobiel besluiten dan ook om de wagen na een werkend leven een mooie oude dag te gunnen binnen de veilige omheining van een bouwmarktschutting, achter het huis. Op het gras van de achtertuin, met de banden op iets mindere spanning van op de weg vereist genieten steeds meer gewaardeerde koetsen van een welverdiende rust. Gewoon, omdat we niet geheel onmensen zijn. Nu ik het er over heb ga je er steeds meer op letten. En het komt vaker voor dan je denkt. Die schuttingen staan er niet voor niets.

    Daar in de warme omgeving van een dankbare familie kan een auto nog heel lang prima gedijen. Alles wat ze dan nodig heeft om zich gewaardeerd te voelen is dat het reisgezelschap er af en toe nog even in plaatsneemt, de motor stationair laat draaien en met de aangetrokken veiligheidsriemen doch uit volle borst eensluidend het ‘och was ik maar bij moeder thuisgebleven’ aanheft. En tijdens het ‘potje met vet’ terugdenkt aan de mooie tochten die samen beleefd zijn.

    En in je gedeelde menselijkheid zul je stilzwijgend samen beseffen dat die liedjes juist voor zulke gelegenheden gemaakt zijn.

  2. HanzChristian

    Oud liedje

    Vergeefs zoek je in de in de ingewikkelde taal van de polis naar het begrip ’emotionele waarde’. De grootse en uitgebreide organisatie die de verzekeraar is herbergt toch op z’n minst wel 1 persoon die begrijpt dat je grootste familiestuk ook gevoelswaarde heeft, denk je vervolgens? Kom op nou! Ergens in zo’n groot gebouw moet er een mens zitten die jouw schadegeval uit het vakje ‘binnengekomen’ vist en denkt: hoe zouden die mensen zich voelen?

    Het dierbare karosje heeft haar kilometers er al ruimschoots opzitten, maar is nog steeds economisch actief. Het binnenwerk kan nog niet geheel door de torren zijn aangevreten, anders reden ze er toch niet mee? En is het oudje niet nog 1 keer een nieuw knipperlicht waard? Wat kost zo’n plastic plaatje plaatje nou? De vergelijking met je oude oma die ergens op weg naar het buurwinkelcentrum haar gebit verloren is doemt op. Is dat het moment dat je het uitvaartcentrum belt? Nee toch! Dat zijn toch scheve verhoudingen? Wantoestanden!

    Meer en meer dankbare gebruikers van de automobiel besluiten dan ook om de wagen na een werkend leven een mooie oude dag te gunnen binnen de veilige omheining van een bouwmarkt-schutting, achter het huis. Op het vertrouwde gras van de achtertuin, met de banden op iets mindere spanning dan op de weg vereist is, genieten steeds meer gewaardeerde koetsen van een welverdiende rust. Gewoon, omdat we niet geheel onmensen zijn. Nu ik het er over heb ga je er steeds meer op letten. En het komt vaker voor dan je denkt. Die schuttingen staan er niet voor niets.

    Daar in de warme omgeving van een dankbare familie kan een auto nog heel lang prima gedijen. Alles wat ze dan nodig heeft om zich gewaardeerd te voelen is dat het reisgezelschap er af en toe nog even in plaatsneemt, de motor stationair laat draaien en met de aangetrokken veiligheidsriemen doch uit volle borst eensluidend het ‘och was ik maar bij moeder thuisgebleven’ aanheft. En tijdens het ‘potje met vet’ terugdenkt aan de mooie tochten die samen beleefd zijn.

    En in je gedeelde menselijkheid zul je stilzwijgend samen beseffen dat die liedjes juist voor zulke gelegenheden gemaakt zijn.

Geef een reactie