Goedkoop en duurkoop

Goedkoop is duurkoop, zei mijn opa altijd. Hij had gelijk, koop iets goedkoops en het zakt na verloop van tijd in elkaar. Zo moet je alsnog het dure product kopen.

Vandaag wilde ik toch eens de goedkope hardloopschoenen van de Lidl uitproberen. Ik holde er een paar honderd meter op vanavond, merkte dat ze niet zo lekker liepen. Na een paar honderd meter begonnen mijn voeten zeer te doen en nog weer een paar honderd meter verder besefte ik dat als ik zou doorlopen een ongewilde blessure opliep.

Onder leiding van consumentenprogramma’s als Kassa en Radar, heerst de trend om te zeggen dat goedkoop een goede koop is. Merken zijn onzin, en voor veel minder geld heb je precies hetzelfde product. Zo zou je makkelijk kunnen hardlopen op schoenen van 25 euro, zegt wetenschappelijk onderzoek. Duurdere schoenen zijn niet beter voor de voeten, ze leveren alleen een zere beurs op.

Hetzelfde gebeurde vorige week in het geldprogramma van Astrid Joosten. Onzin, zoveel geld uitgeven voor een fles wijn. Het hoge prijskaartje zorgt ervoor dat je het lekker vindt. De rest doet er niet veel toe, meende Joosten. Ook hier lag een hele stapel wetenschappelijk onderzoek ten grondslag.

Het zal dus allemaal psychisch zijn dat ik zere voeten kreeg en dat een dure auto lekkerder rijdt dan een goedkope. Of een dure appel lekkerder is dan een goedkope.

Zeker, er zullen heus wel dingen zijn waar we worden opgelicht, zodat het goedkope inderdaad even goed is als het dure. Maar ik begin steeds meer te twijfelen aan dergelijke consumentenprogramma’s. Zo sterk zelfs dat ik ze met evenveel wantrouwen bekijk als de reclameblokken om het programma heen. Wie belazert wie nou eigenlijk.

Beestjes

Bij De zomer draait door waren Kees Moeliker en Frederique Spigt. Ze spraken over ‘Een programma over beestjes in de stad’. Behalve dat ze geïnterviewd werden door twee acteurs, die hun teksten wel kennen, niet luisteren en daarom geen goede vragen stellen, herkende ik veel in hun verhaal. De stad zit boordevol dieren.

Elke avond fluit ik met de merels een avondzang. Ze worden echte vrienden. Ik begroet ze met hetzelfde fluitje. Vanavond zag ik een naaktslak knabbelen aan een blad van de klaproos en keek een kikker vanuit het poeltje mij ernstig aan. Het gebeurt allemaal in de achtertuin. De savanne in het klein. Je moet er wel voor door de knieën en weigeren het alledaagse als vanzelfsprekend te zien.

Ik ga echt kijken naar het televisieprogramma en neem zelf alvast een voorproefje.