Baanvakstoring

De meiden gristen in hun zak op zoek naar het treinkaartje. De trein had ergens tussen Hilversum en Naarden-Bussum de tocht met remmen, optrekken, weer remmen, weer optrekken afgerond. De conducteur had een lang verhaal opgehangen over een baanvakstoring en dat niet alles op te lossen was, maar dat we er wel zouden komen. Met vertraging, dat wel.

De dames hadden hun kaartje bijna paraat, maar hij liep in een snellere vaart voorbij dan zijn trein. ‘Dames, blijf zitten, ik kom zo bij jullie. Dit is het kennismakingsrondje.’ Hij sjeesde verder en toen ik een halte later uitstapte, was hij niet langsgeweest. De dames zaten nog altijd keurig op hun plek.

De NS zet geen bussen in

Wachten op een vol station is niet leuk. Helemaal niet als de intercity’s in sneltreinvaart voorbij razen. De ochtend was een crime, maar vanmiddag passeerde een heus staaltje NS-logistiek.

Geen trein stopte en alle verstokte reizigers mochten wachten. Toen een slimmerik besloot de NS te bellen, kreeg hij als allervriendelijkst antwoord dat de intercity’s die keurig ieder halfuur voorbij sjeesden, niet konden stoppen. Ze zouden te lang zijn voor het perron.

Daarom laat je maar een paar honderd mensen op een perron staan, is het idee. Onderwijl meld je even dat de storing tot 23.00 uur duurt.

Elk probleem lost zich vanzelf op. Zo rijdt er ook een bus tussen Houten en Utrecht. We mochten vandaag allemaal mee, zonder te betalen. ‘Normaal is dat niet’, zei de chauffeur erbij maar hij kon al die wachtenden moeilijk laten staan om een paar strippen. Een reis die normaal tien minuten duurt, duurde ruim drie kwartier. De bus was verschrikkelijk warm en de helft van de aanwezigen moest staan.

Dat de trein naar Almere tien minuten langer bleef staan was niet erg meer. Een krakende intercom vertelde wat er aan de hand was. Ik verstond er niets van, alleen het zinnetje ‘Onze excuses voor het ongemak’ haalde ik er feilloos uit. Daar kan geen storing tegenop.

Kijk eens bij De Slegte

Als je een boek zoekt dat een jaar of twee geleden gedrukt is en volgens de reguliere boekhandel niet meer te krijgen is, dan is de kans groot dat het boek bij De Slegte in de uitverkoop ligt. De prijs is minstens de helft van de nieuwprijs. Geduld loont dus.

Een beetje boekenverkoper verwijst zijn kopers dan ook naar de ramsj als ze vragen naar een boek dat niet meer in de reguliere handel verkrijgbaar is. Meestal belanden er wel wat van de boeken in de uitverkoop. Er worden in boekenland immers meer boeken gemaakt dan verkocht.

Heel soms pissen uitgevers en boekhandelaren naast de pot. Zoals nu met de dood van Michael Jackson. Geen reguliere biografie van de overleden zanger is meer te vinden, terwijl er een boost aan behoefte is ontstaan. De uitgever weifelt nog tot heruitgave en ondertussen gaan de biografien bij De Slegte als warme broodjes over de toonbank. Voor dezelfde lage prijs als een week terug. Dat noem ik een gebrek aan handelsgeest. Als de vraag stijgt, kun je de prijs ook laten stijgen.

Het gebeurt wel vaker dat een boek alleen nog bij De Slegte te krijgen is, zoals een paar jaar terug toen iemand de Nobelprijs voor de literatuur won. Geen boekhandel had het boek nog in de schappen, maar een verhalenbundel die eerder niet aan de straatstenen te slijten was, verdween binnen enkele dagen. Misschien levert zo’n plotselinge vraag de nodige doekjes voor het bloeden van het noodlijdende boekenconcern.

Soms vertelt mijn boekinstinct dat het boek slecht verkocht gaat worden. Vaak tref ik het dan een jaartje of wat later in de ramsj aan. Een tactische manier van inkoop die weleens mislukt, maar even regelmatig slaagt. Nu heb ik mijn inzet gezet op de dagboeken van Victor Klemperer die ik twee weken terug in grote stapels bij een Amsterdamse boekhandel zag liggen.

Ik heb het ook weleens gehad dat ik bij een boekhandel een boek zag liggen waarvan ik zeker wist dat die over een jaar in de uitverkoop zou zijn. Raak, het saaie boek met de vertalingen van Ida Gerhardt had ik zo met tachtig procent korting naar binnen gehengeld. Een prachtige koop waar ik veel plezier van heb (gehad).

Dat het slecht gaat met De Slegte wijdt ik aan een enorme inschattingsfout van de ramsjboer. De biografieen van Michael Jackson hadden allang gesleten kunnen zijn via een effectieve webshop. Als ze daarbij nog iets had verzonnen met het per stuk maken van een uitverkocht boek, dan was de buit al veel eerder binnen geweest.

Voor de troepen uit

Een kleine fietser en nog een kleine fietser reden mij tegemoet bij het hardlopen. Een tiental meter achter de twee jonge fietsers holde een vader. Hij hijgde net als ik van de warmte, maar holde dapper achter zijn kroost aan.

Ik was weer thuis, strekte mijn benen op de poef en beloofde Doris dat als ze groot was ze ook achter of voor mij mocht fietsen bij het hollen. Want voordat ik ging rennen hadden we weer geoefend. Ze remt nog een beetje vaak, maar het gaat steeds beter. Zelfs zo goed dat Inge er een filmpje van heeft gemaakt. Nu hol ik vooral achter haar aan, in plaats van zij achter mij.

Jam

Vandaag is het jam-seizoen weer begonnen. Op de markt kocht ik om kwart voor vijf drie kilo aardbeien, de laatste, voor drie euro. Daarna bij Albert vier pakken geleisuiker gehaald. Thuis mocht ik de aardbeien ontkronen en gingen ze hupsa de pan in.

De tweede ronde was nog spannender. Naast de kilo aardbeien ging er nog een kilo bramen van vorig jaar in, uit de tuin, die we ingevroren hadden. Om de melanche compleet te maken gooide Inge er ook nog twee appels bij. Ik ben benieuwd naar de smaak.

Wordt dus vervolgd.

Na de dood

Is er leven na de dood, vroegen ze gisteren aan Freek de Jonge. Ja, antwoordde hij trefzeker. Als wij dood gaan, gaat het leven gewoon door.

Nu is Michael Jackson dood en verkopen zijn albums als de beste. Elke tien seconde verkocht bol.com een plaatje van de Amerikaanse zanger.

Hij lijkt meer te leven dan bij zijn leven.

Spoorwegramp

Schel schalde een beat door de trein. De warmte blies naar binnen door het raampje. ‘We kunnen nog niet vertrekken vanwege een gebrek aan personeel’, was net omgeroepen.

Mijn mobiel internet vertelde dat in Londense metro’s Goethe en Sartre wordt voorgedragen. Het zou allemaal een stuk interessanter worden. Nederlandse treingedichten zijn er genoeg. Geen groter genoegen dan het voordragen van ‘Aan Rika’ van Piet Paaltjens:

Gij vreesdet mooglijk voor een spoorwegramp?
Maar, Rika, wat kon zaalger voor mij zijn,
Dan, onder hels geratel en gestamp,
Met u verplet te worden door één trein?

De vrouw tegenover vroeg het zich niet af. ‘Meneer, wilt u uw muziek wat zachter zetten.’ De man met een streepjesoverhemd schrok op uit zijn luisteren. En trok de oortjes uit zijn oren. De schelle dreun bleef. De man schuin tegenover hem werd aangetikt. Hij trok ook zijn oortjes eruit en liet ze eruit. De man met het streepjesoverhemd deed de oortjes weer in en de beat was weer terug.

Ergens klonk een luide klank. Het hield even plotseling op als dat het begonnen was. ‘Ja, met mij. Waar ik ben’, liet een vrouwenstem volgen. ‘Nee, hij staat nog stil. Er is geen personeel. Wacht… De deuren gaan dicht. Hij vertrekt. Ja, ik ben om zeven uur thuis.’

Ik keek dromerig weg en zag het perron wegglijden. Het hels geratel en gestamp van de oortjes werd overgenomen door het gesuis dat de lucht in het bedompte rijtuig weer wat in beweging bracht.

Onder de brug

Als mijn schoonmoeder geen zin heeft aan een opdringerige man te vertellen waar ze woont, antwoordt ze steevast dat ze onder de brug woont. Vanmorgen op weg naar het station, moest ik even aan haar denken. Ik fietste er zelfs eventjes voor terug, want dat kon niet waar zijn. Er woonde inderdaad iemand onder de brug. In elk geval had de persoon in de gele slaapzak er geslapen.

Tweede leg

Je hebt van die mannen die ineens rond hun zestigste de behoefte krijgen nog een keertje een gezin te stichten. Vaak met een veel jongere partner beginnen ze nog eens. Misschien omdat ze de eerste keer hun kinderen niet zoveel aandacht hebben gegeven.

Ze tonen dan net zulk aanstellerig gedrag als de twee merels die mij vandaag voor de sokken vlogen. De twee vogels waren druk in de weer met takjes en twijgjes. Duidelijk zijn ze bezig met hun tweede leg.

Wat verderop in het midden van de gracht zat de meerkoet weer aan een nieuwe leg. Zijn nakomelingen zag ik eerder vandaag, drie dikke kuikens die meer weghebben van een dodo dan van een meerkoet. Blijkbaar zoekt deze meerkoet een herkansing.

Hermitage

Een mediale aandacht, waar elk museum jaloers op is. Dat is de opening van de Nederlandse dependance van de Hermitage. Zoveel aandacht zou bij een bezoek alleen maar teleurstelling kunnen opleveren. Wat me opvalt is dat de eigenlijke collectie niet zoveel aandacht krijgt, er wordt snel geflitst langs de kostuums die er nu hangen. Ook komt in de bijdragen niet heel sterk tot uitdrukking of de Hermitage vernieuwend is in het museale landschap, of dat het een vrij traditioneel ingericht museum is.

Mijn indruk is dat het laatste het geval is. Het enthousiasme waarmee de Hermitage wordt begroet in Nederland, laat zien dat het museum zich helemaal niet in nieuwe snufjes hoeft te dopen om belangstelling te krijgen. Voor het bewijs moeten we nog even wachten, maar ik verwacht dat het museum met aantrekkelijke wisseltentoonstellingen heel veel zal bereiken. Ik ben benieuwd naar de bezoekcijfers de komende jaren.